Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4 › Paragraaf 4.3

Artikel 4.3.3

Opslag voertuigen, vaartuigen, mest en afvalstoffen

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Noordoostpolder

1.. Het is verboden op door het college aangewezen plaatsen, in de openlucht of buiten de weg de volgende voorwerpen of stoffen op te slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben: een onbruikbaar of aan de oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of vaartuig of onderdelen daarvan; een bromfiets en motorvoertuig of onderdelen daarvan; een kampeermiddel als bedoeld in artikel 4.2.6 of onderdelen daarvan, voor zover het plaatsen of aanwezig hebben daarvan geschiedt voor verkoop of verhuur of anderszins voor een commercieel doel; of een mestopslag, een gierkelder of een andere verzamelplaats van vuil, een verzameling ingekuild gras, loof of pulp of ingekuild landbouwproduct, afbraakmateriaal en oud metaal. 2.. Het aanwijzen van de in het eerste lid bedoelde plaatsen, doet het college: in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente; ter voorkoming of beëindiging van overlast, dan wel ter voorkoming van schade aan de openbare gezondheid. 3.. Het college kan bij de aanwijzing nadere regels stellen. 4.. Het verbod geldt niet voor zover regels gelden voortvloeien uiteen omgevingsvergunning, het Besluit activiteiten leefomgeving of een andere Algemene Maatregel van Bestuur die gebaseerd is op de Omgevingswet. 5.. Dit artikel is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet of de provinciale omgevingsverordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel