**1..** In deze paragraaf wordt verstaan onder:
dagplaats: standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een ontheffingshouder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel ingenomen;
markt: door het college ingestelde warenmarkt;
marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college;
marktvergunning: een vergunning die krachtens deze verordening is verleend voor het innemen van een vaste standplaats op de weekmarkt;
ontheffingshouder: degene aan wie door of namens het bevoegd gezag een ontheffing is verleend krachtens deze paragraaf;
standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;
standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van een artikel;
standwerkersplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken;
vaste standplaats: de standplaats die ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;
vergunninghouder: degene aan wie door of namens het bevoegd gezag een marktvergunning is verleend.
HOOFDSTUK 5 › Paragraaf 5.1
Artikel 5.1.1
Begrippen
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Noordoostpolder