Een bijzonder aandachtspunt in het kader van de gebiedsgerichte aanpak is de aanwezigheid van infrastructuur waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Deze vervoersassen zijn niet als een afgebakend gebied te beschouwen omdat ze verschillende gebieden doorsnijden. Denk bijvoorbeeld aan woonwijken, buitengebieden en bedrijventerreinen. Hierdoor wordt het lastig om uniforme eisen te verbinden aan de mogelijkheid om ontwikkelingen te laten plaatsvinden in de nabijheid van diezelfde infrastructuur.

Gebieden die als ‘risicovolle infrastructuur’ worden beschouwd, betreffen locaties die binnen het aandachtsgebied van een weg vallen. In de gemeente Best zijn dit bijvoorbeeld Rijkswegen A2 en A58.

Maar ook het spoor Boxtel – Eindhoven heeft een brand- en explosieaandachtsgebied. Op dit moment gelden rond tunnels ( tunnels voor auto’s en treinen langer dan 250m) nog dezelfde aandachtsgebieden (AG's) als voor het verdere traject van de transportroute.

Het ministerie bekijkt of deze AG's ter hoogte van de tunnels kunnen worden verkleind of verwijderd. Het advies m.b.t. AG's rond tunnels wordt dit jaar nog door het Ministerie van IenW verwacht. Er is geen zekerheid dat de AG’en daadwerkelijk gaan verdwijnen ter hoogte van tunnels. Als het besluit wordt genomen dat deze verdwijnen, moet het Bkl hiervoor worden gewijzigd. Wanneer dat zal plaatsvinden, is op dit moment onbekend. Waarschijnlijk zal dit niet vóór inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn.

De risico’s die voortvloeien bij de A2, A58 en de spoorlijn hebben betrekking op het transport van gevaarlijke stoffen. Op de aard en omvang hiervan heeft de gemeente weinig invloed. Daarom kiest de gemeente Best om de omgang met deze risico’s te verbinden aan de voorwaarden van de gebiedstypes uit hoofdstuk 5. Concreet betekent dit dat waar bijvoorbeeld veel transport van gevaarlijke stoffen door het gebiedstype ‘Risicoluw’ loopt, de risicoluwe ambities worden gehanteerd. Hiermee probeert de gemeente Best de inwoners zoveel te beschermen tegen externe veiligheidsrisico’s.

In hoofdstuk 5 wordt een omschrijving van de gebiedstypen gegeven en worden de consequenties voor het plaatsgebonden risico en het groepsrisico besproken.