Wanneer een ontwikkeling onder categorie 1 of 2 of 3 valt is een landschappelijke inpassing vereist. Landschappelijke inpassing betekent een zodanige vormgeving en inpassing dat deze optimaal is afgestemd op bestaande dan wel nog te ontwikkelen ruimtelijke, natuurlijke en cultuurhistorische landschapskwaliteiten. Landschappelijke inpassing vindt plaats op of direct aansluitend aan het bouwblok/bestemmingsvlak.
Bij een categorie 1 ontwikkeling, worden geen kwantitatieve normen gekoppeld waaraan voldaan moet worden. Er dient te worden aangetoond dat er sprake is van een goede landschappelijke inpassing.
Bij een categorie 2 en 3 ontwikkeling moet worden aangetoond dat minimaal 10% van het (nieuwe) bouwvlak ingepast wordt. De inpassing kan plaatsvinden in of aangrenzend aan het bouwvlak. De inpassing en/of de tegenprestatie dient gebaseerd te zijn op een landschapsanalyse. Dat betekent dat een landschapsanalyse altijd onderdeel uit moet maken van het landschapsplan. Er dient duidelijk omschreven te worden hoeveel van welk assortiment toegepast wordt en wat het totale aantal m2 aan landschappelijke inpassing is. Bestaande landschappelijke inpassing mag daarbij meegeteld worden.
Landschapsanalyse
De landschappelijke inpassing van het bestemmingsvlak/bouwvlak (bij categorie 2 en 3 ontwikkelingen) wordt gerealiseerd op basis van een door een deskundige instantie (hovenier, tuin-/landschapsarchitect, bureau voor ontwerp en aanleg van groenvoorzieningen) opgesteld erfbeplantingplan/ landschappelijk inpassingsplan, waaruit duidelijk blijkt hoe en met welke (natuur- en landschap)elementen de landschappelijke inrichting wordt vormgegeven. In het landschapsbeleidsplan van de voormalige gemeente Landerd (zie bijlage 3) wordt beschreven welke vormen van landschappelijke inpassing in welk gebied wenselijk zijn. Voor de voormalige gemeente Uden is dit niet in beeld gebracht. Regionaal is een start gemaakt om een regionaal handboek op te stellen. Hierbij is de gemeente Maashorst aangehaakt.
Bij de vormgeving en invulling van landschappelijke inpassing wordt gekeken naar de algehele locatie en de situering van het bouwvlak/bestemmingsvlak en niet alleen naar het deel waarin de desbetreffende ruimtelijke ontwikkeling wordt toegevoegd of veranderd.
Minimale vereiste aan een landschappelijk inpassingsplan is een maatvaste kaart met daarop de reeds aanwezige landschapselementen, de beoogde ontwikkeling en de nieuwe landschapselementen die de ontwikkeling inpassen in de omliggende landschap. De inpassing en/of de tegenprestatie dient gebaseerd te zijn op een landschapsanalyse. Dat betekent dat een landschapsanalyse altijd onderdeel uit moet maken van het landschapsplan.
Borging
Naast een anterieure overeenkomst is het noodzakelijk een regeling (voorwaardelijke verplichting) in het omgevingsplan op te nemen om de realisatie en duurzaam (voor de lange termijn) beheer en onderhoud van het inpassingsplan financieel, juridisch en feitelijk te verzekeren. Of in het geval van een omgevingsvergunning dit als voorschrift toe te voegen aan de vergunning.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.1
Landschappelijke inpassing bij categorie 1, 2 en 3
Onderdeel van Uitvoeringsregel kwaliteitsverbetering landschap gemeente Maashorst