1.. Het bestuursorgaan wint advies in bij een adviseur of adviescommissie voor zover dat naar zijn oordeel noodzakelijk is om op de aanvraag om schadevergoeding te kunnen beslissen.

2.. Het college van burgemeester en wethouders kan een adviseur of adviescommissie benoemen als:

  • - vaste adviseur of vaste adviescommissie, waarbij de adviseur of de leden van de adviescommissie voor een termijn van maximaal vier jaar worden benoemd met de mogelijkheid tot herbenoeming voor maximaal vier jaar, of
  • - tijdelijke adviseur of tijdelijke adviescommissie voor advisering met betrekking tot één of meer aanvragen.

3.. Als advies noodzakelijk is, benoemt het college van burgemeester en wethouders in principe binnen vier weken na ontvangst van het in artikel 3 genoemde recht een adviseur of adviescommissie.

4.. Advies als bedoeld in het eerste lid, wordt in ieder geval niet ingewonnen als:

  • - de aanvraag naar het oordeel van het bestuursorgaan kennelijk ongegrond is, omdat zich kennelijk een weigeringsgrond voordoet als bedoeld in artikel 4:126, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
  • - de schade kennelijk niet kan worden toegerekend aan een door het bestuursorgaan genomen besluit of verrichte handeling;
  • - de aanvraag naar het oordeel van het bestuursorgaan voldoende gelijkenis vertoont met andere aanvragen waarvoor al advies is uitgebracht;
  • - de schadevergoeding kennelijk minder bedraagt dan € 500, - voor natuurlijke personen of € 1000,- voor rechtspersonen;
  • - naar het oordeel van het bestuursorgaan in de gemeentelijke organisatie voldoende deskundigheid voor de beoordeling van de aanvraag aanwezig is.