Naar hoofdinhoud
1.. Een vergunning of toestemming voor een tijdelijke, soms bovengrondse en in het geval van vaarwegen soms drijvende, kabel of leiding, kan worden verleend of geweigerd na toetsing aan de voorwaarden uit deze beleidsregels en de Omgevingsverordening provincie Utrecht. 2.. Nadat de kabel of leiding buiten bedrijf is gesteld, wordt deze zo spoedig mogelijk door en voor rekening en risico van de netbeheerder uitgeruimd, daarbij inbegrepen het herstel in de oorspronkelijke situatie van de locatie waarin de kabel of leiding was gelegen. Van de buiten bedrijf stelling en de uitruiming wordt melding gedaan aan de (spoor- of vaar-)wegbeheerder.

Rechtspraak bij dit artikel