Geredeneerd vanuit risicomanagement, heeft het aangaan van samenwerkingsverbanden twee kanten van een medaille. Enerzijds geeft het aangaan van samenwerkingsverbanden goede mogelijkheden om specifieke risico’s te verminderen (denk daarbij aan risico’s m.b.t. continuïteit, kwaliteit, deskundigheid en efficiency).
Anderzijds zijn in samenwerkingsverbanden bedrijfsvoering en beleidsuitvoering veelal dusdanig op afstand gezet, dat de deelnemende partners geen direct risicomanagement meer kunnen toepassen. Veel komt aan op het inrichten van goed risicomanagement in het samenwerkingsverband zelf en een goede sturing daarop door de besturen van de betrokken partners. Dat geldt ook voor het Misbruik en Oneigenlijk gebruik (M&O) beleid van het samenwerkingsverband (zie hoofdstuk 5).
In Soest is de basis voor de sturing op samenwerkingsverbanden vastgelegd in de Strategische visie op samenwerking en Grip op samenwerkingsverbanden. Met daarin ook opgenomen de sturing op risico’s binnen de samenwerkingsverbanden. Via de P&C-cyclus van de samenwerkingsverbanden krijgt de raad tijdig de gelegenheid om te reageren op de P&C-documenten van samenwerkingsverbanden. Dit wordt door het college gefaciliteerd door in de bestuurlijke advisering naast in te gaan op de onderdelen financiën, resultaten, algemene bestuurlijk relevante ontwikkelingen ook in te gaan op de risico’s van het samenwerkingsverband.
Daarnaast wordt via de P&C cyclus van de gemeente Soest zelf in de paragraaf verbonden partijen in begroting en jaarstukken ook integraal gerapporteerd over de risico’s van de diverse verbonden partijen. Indien de risico’s binnen een bepaald samenwerkingsverband dusdanig van aard en omvang zijn dat deze doorwerken naar onze eigen risicoparagraaf dan worden deze daar ook vermeld.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.3
Samenwerkingsverbanden
Onderdeel van Uitvoeringskader risicomanagement gemeente Soest 2023