Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5.

Artikel 5.3

Evenredigheid/evenwichtigheid van de maatregel

Onderdeel van Beleid artikel 13b Opiumwet Gemeente Wormerland – 2024

Nadat is bepaald dat er voldoende noodzaak is tot het toepassen van de betreffende maatregel, wordt vervolgens gekeken of die maatregel in redelijke verhouding staat tot de overtreding; er wordt gekeken naar het doel van de maatregel en de gevolgen van het opleggen van de maatregel voor betrokkene. De maatregel mag niet onevenredig bezwarend zijn. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de soort maatregel, maar ook naar de duur of zwaarte van de maatregel. Bij deze beoordeling zijn de volgende omstandigheden van belang: de mate van verwijtbaarheid van betrokkene. de gevolgen van de maatregel: medische of een bepaalde situatie van betrokkene; is er een bijzondere binding met de woning/het pand; de mogelijkheid om weer in de woning/het pand terug te keren; betrokkene door sluiting op een zwarte lijst komt te staan; de aanwezigheid van minderjarige kinderen bij sluiting woning: de aanwezigheid van minderjarige kinderen in een woning is op zichzelf geen bijzondere omstandigheid op grond waarvan van sluiting moet worden afgezien. Wel moet voldoende aandacht geschonken worden aan het feit dat er minderjarige kinderen wonen. De aanwezigheid van minderjarige kinderen tezamen met andere omstandigheden kan maken dat in redelijkheid de betreffende maatregel niet moet worden toegepast. De mate van verwijtbaarheid en de (nadelige) gevolgen van de maatregel moeten worden afgewogen tegen de omstandigheden die ertoe hebben geleid dat de maatregel noodzakelijk wordt geacht. De punten b en c vraagt om actief onderzoek van de burgemeester. Een te nemen en/of genomen maatregel met veel nadelige gevolgen is niet per definitie onevenwichtig. Indien noodzakelijk kan de burgemeester afwijken van de handhavingsmatrix.

Rechtspraak bij dit artikel