Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.3.

Prioritering

Onderdeel van VTH-beleidsplan (2024-2027) gemeente Cranendonck

Onze gemeente – zoals alle Nederlandse gemeenten – niet over voldoende personeel en financiële middelen om het beoordelen van aanvragen voor vergunningen, het afhandelen van meldingen en alle handhavingstaken volledig zelf uit te voeren of uit te laten voeren. Daarom is het noodzakelijk om een verantwoorde prioritering aan te brengen in de Vergunning-, Toezicht- en Handhavingstaken en -doelen: welke taken krijgen voorrang op anderen. Voor iedere bestuursperiode van vier jaar bepalen wij de prioriteiten aan de hand van een prioriteringssystematiek voor VTH. Via dit systeem worden de negatieve effecten van en kans op overtreding van de regelgeving in beeld gebracht. Vervolgens prioriteren wij op grond van de beschermde belangen in combinatie met de overtredingskans. In deze prioritering zijn nadrukkelijk ook de onderwerpen opgenomen, waarmee de Cranendonckse inwoner in de dagelijkse praktijk te maken krijgt. Het betreft zaken die spelen in het fysieke domein en waarop dikwijls de regels van de APV van toepassing zijn. Jaarlijks wordt de prioritering vertaald in het Uitvoeringsprogramma. Daarin wordt ook bepaald hoe de aanwezige capaciteit binnen de gemeente ingezet moet worden. Bij de jaarlijkse evaluatie van het VTH-Beleidsplan en het Uitvoeringsprogramma VTH controleren wij of de prioritering bijgesteld moet worden. Bijvoorbeeld omdat overtredingen vaker voorkomen en/of een groter effect hebben dan verwacht. Uiteraard spelen ook de politieke context en maatschappelijke ontwikkelingen hierbij een rol. Vergunningverlening Voor vergunningverlening is aan de hand van de risicoanalyse in bijlage 1 in kaart gebracht welke vormen van vergunningverlening prioriteit hebben. De zaken aangemerkt met prioriteit 1 krijgen bij de vergunningverlening de meeste aandacht en worden op het hoogste niveau getoetst. Bij de vergunningenstrategie (hoofdstuk 4) wordt hier nader op ingegaan. Door de inwerkingtreding van de Wkb5Per 1 januari 2024 treedt de Wkb inwerking voor categorie 1 en naar alle waarschijnlijkheid per 1 januari 2025 voor de overige categorieën. verandert de rol voor het gemeentelijk bouwtoezicht op het gebied van het Bbl. Deze wet bewerkstelligt namelijk een gedeeltelijke privatisering van het bouwtoezicht. Daarnaast worden de aansprakelijkheid en waarschuwingsplicht van de aannemer verhoogd. Wel blijft er voor de gemeente een rol op het gebied van de planologische toets en de toetsen rondom de onderwerpen stikstof, flora- en fauna, welstand, monumenten, kap, uitvoeren van werken of werkzaamheden, milieu etc. en blijft de gemeente aan zet voor gevolgklasse 2 en 3 en verbouw van gevolgklasse 1. Toezicht & handhaving Voor toezicht en handhaving zijn de prioriteiten aan de hand van de systematiek (beschreven in bijlage 2) in kaart gebracht. Ook zijn de hieruit naar voren gekomen prioriteitenlijsten in de bijlagen uiteengezet. De toezichts- en handhavingstaken op het gebied van de openbare orde spelen een grote rol. De meldingen en klachten met onderwerpen met een hoge prioriteit pakken wij met voorrang op. Bij het stellen van doelen is ook zoveel mogelijk ingehaakt op deze prioriteiten. Deze prioritering betekent ook dat andere (lager geprioriteerde) zaken minder aandacht krijgen of niet (direct) worden opgepakt. Bij de toezichts- en handhavingsstrategie (hoofdstuk 4) wordt hier verder op ingegaan.

Rechtspraak bij dit artikel