Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3

Artikel 2.3.3

Indien het openbaar groen daardoor op onaanvaardbare wijze wordt aangetast

Onderdeel van Beleidskader uitwegen 2024

De gemeentelijke groenvoorzieningen hebben vaak een afschermende functie en een hoge belevingswaarde. Het doorsnijden van gemeentelijke groenstroken wordt ongewenst geacht. Door versnippering van aaneensluitende plantsoenstroken wordt de afschermende functie teniet gedaan en de belevingswaarde van het groen verminderd. Voorts wordt de mogelijkheid tot een adequaat beheer van het groen beperkt. Per situatie wordt een afweging gemaakt. Om de bescherming van de groenvoorziening in de gemeente te waarborgen worden de volgende criteria aangehouden. Indien een aanvraag voor een uitweg wordt ingediend waarbij een openbare groenvoorziening wordt doorsneden en er een alternatief voor de uitweg beschikbaar is wordt de aanvraag omgevingsvergunning geweigerd. Bij openbaar groen dat onderdeel is van een groenstructuur of een speelvoorziening weegt een aantasting van dit groen extra zwaar. Deze groenvoorziening mag niet doorsneden worden door een uitweg. Waardevolle of beeld- of structuurbepalende groenvoorzieningen, met name bomen, worden niet verwijderd voor een uitweg. Een uitweg dient op minimaal 5,00 meter van de zijkant van de stam van een waardevolle boom te blijven. Het zicht vanaf en op een uitweg moet voldoende zijn. Indien groenvoorzieningen het zicht belemmeren, kan het nodig zijn om te snoeien of de groenvoorzieningen te verwijderen. Voor het verwijderen van gemeentelijke groenvoorzieningen is instemming van de gemeente nodig. Als voor de aanleg van een uitweg een boom verwijderd moet worden kan een omgevingsvergunning noodzakelijk zijn. De aanleg van de uitweg kan niet worden uitgevoerd als de aanvrager niet in het bezit is van de vereiste onherroepelijke omgevingsvergunning voor het verwijderen van de boom. Als er een nieuwe uitweg wordt aangelegd ter vervanging van een oude uitweg (maar op een andere plaats), dient de oude uitweg te worden verwijderd, waarna de weg en het openbaar groen ter plaatse van de opgeheven uitweg in de oorspronkelijke staat wordt hersteld.

Rechtspraak bij dit artikel