De regeling uit het bestemmingsplan ‘’Buitengebied 2009’’ van de voormalige gemeente Vlagtwedde was in lijn met de regeling zoals (destijds) opgenomen in de POV. De regeling uit het bestemmingsplan ‘’Buitengebied 1998’’ van de voormalige gemeente Bellingwedde was zelfs nog krapper dan voorgeschreven in de POV.
Wel werden aansluitend bij de regeling van voormalig Vlagtwedde, en dus ook in overeenstemming met de POV, omgevingsvergunningen verleend voor bijbehorende bouwwerken tot een maximum van 300 m² mits er sprake was van een goede ruimtelijke ordening. Een goede ruimtelijke ordening was aantoonbaar gezien de grootte van de betreffende percelen, de in veel gevallen reeds grotere woningen en daarmee de verhoudingen tussen de bebouwing op het erf.
Toch merken we dat onze inwoners steeds vaker niet voldoende hebben aan de maximaal toegestane 300 m². Deze doelgroep heeft een bepaalde behoefte aan ruimte vragende (ondergeschikte) activiteiten verbonden met de woonfunctie, zoals:
Het hobbymatig houden van dieren;
Een kleinschalige bedrijfsmatige activiteit (bedrijf aan huis);
Mantelzorg;
Ruimte behoevende hobby’s;
Bed & Breakfast;
Of zelfs een combinatie van bovenstaande.
Daarnaast hebben de percelen in kwestie vaak de volgende kenmerken:
Ruime (vaak afgelegen) percelen in het buitengebied ( > 1000 m²);
Reeds grotere woningen (voormalige boerderijpanden);
Ruimte voor een goede (kwalitatieve) erfinrichting.
Deze combinatie maakt dat er in veel gevallen sprake kan zijn van een goede ruimtelijke ordening. Nu de provincie meer vrijheid geeft aan gemeenten om dit zelf in te vullen. Hoewel sommige inwoners wel uit de voeten kunnen met de bestaande mogelijkheden, willen wij deze (toenemende) doelgroep tegemoet komen.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2.
Lessen uit de praktijk
Onderdeel van Beleidsregels bebouwingsoppervlakte woonpercelen in het buitengebied