Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 1.4

Bouwen onder de Omgevingswet

Onderdeel van Wkb-beleid 2024-2026 gemeente Heerlen

Het stelsel van kwaliteitsborging is onderdeel van bouwen onder de Omgevingswet. De grootste verandering is de “knip” in de omgevingsvergunning voor bouwen in: een omgevingsvergunning voor een (ruimtelijke) omgevingsplanactiviteit en; een omgevingsvergunning voor een (technische) bouwactiviteit. De gemeente toetst een bouwplan bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit aan het omgevingsplan (de opvolger van het bestemmingsplan, de welstandsnota en de bouwverordening). Dit betekent dat de gemeente bij deze omgevingsvergunning niet toetst aan technische bouwvoorschriften. In beginsel geldt een vergunningplicht voor de omgevingsplanactiviteit. In hoofdstuk 2 van het Bbl en in de bruidsschat (omgevingsplan) staat wanneer een bouwplan omgevingsplanvergunningvrij is. Daarnaast kan het zijn dat voor een bouwwerk een omgevingsvergunning voor een (technische) bouwactiviteit is vereist. De gemeente toetst het bouwplan aan de technische bouwvoorschriften uit het Bbl en het gemeentelijke maatwerk in het omgevingsplan. In hoofdstuk 2 Bbl staat of een technische vergunningplicht geldt. Als een vergunningplicht geldt, toetst de gemeente het bouwplan op dezelfde wijze als onder de Wabo; het betreft een aannemelijkheidstoets. Als een bouwwerk onder gevolgklasse 1 valt, geldt er geen vergunningplicht voor de (technische) bouwactiviteit. In de plaats daarvan moet de initiatiefnemer dan een bouwmelding onder kwaliteitsborging indienen bij de gemeente. Ook zijn er ondergeschikte bouwwerken die én technisch vergunningvrij zijn én waarvoor geen bouwmelding onder kwaliteitsborging ingediend hoeft te worden (omdat zij niet vallen onder gevolgklasse 1).

Rechtspraak bij dit artikel