Bij het toekennen van een verzoek om een hogere grenswaarde voor geluidgevoelige bestemmingen tot en met de geluidklasse “onrustig” worden ook de volgende criteria bij de afweging betrokken:
indien mogelijk moeten bronmaatregelen (bijvoorbeeld stillere wegdektypen) getroffen worden;
indien mogelijk moet de afstand tussen de geluidsbron en de nieuwe woningen/appartementen en onderwijsgebouwen worden vergroot;
in ieder geval bij woningen/appartementen dient de buitenruimte (tuin/balkon) te voldoen aan de ambitiewaarde van het betreffende gebied;
het stedenbouwkundig ontwerp dient zodanig vorm te worden gegeven dat zoveel mogelijk afscherming voor het achterliggende gebied ontstaat;
bij nieuwe woningen/appartementen en onderwijsgebouwen in de geluidklasse “onrustig” dient bij een aanvraag om bouwvergunning een bouwakoestisch onderzoek te worden gevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde van het Bouwbesluit.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.3
Criteria voor het toekennen van een hogere waarde tot en met de geluidsklasse “onrustig”
Onderdeel van Nota hogere grenswaarden