Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 6De

hoogte en duur van de verlaging

Onderdeel van Afstemmingsverordening IOAW en IOAZ Gouda 2011

1.. Onverminderd artikel 2, tweede lid, wordt de verlaging vastgesteld op: tien procent van de uitkering gedurende een maand bij gedragingen van de eerste categorie; twintig procent van de uitkering gedurende een maand bij gedragingen van de tweede categorie; vijftig procent van de uitkering gedurende een maand bij gedragingen van de derde categorie; honderd procent van de uitkering gedurende een maand bij gedragingen van de vierde categorie; indien belanghebbende een IOAZ-uitkering ontvangt: honderd procent van de uitkering gedurende een maand bij gedragingen van de vijfde categorie, en indien belanghebbende een IOAW-uitkering ontvangt: een blijvende verlaging ter hoogte van het door eigen toedoen niet verkregen netto inkomen; een blijvende verlaging ter hoogte van het netto inkomen dat belanghebbende heeft verloren. 2.. Indien de belanghebbende zich niet (tijdig) bij het UWV heeft laten inschrijven als werkzoekende, of de inschrijving niet (tijdig) heeft verlengd, kan het college besluiten af te zien van een verlaging, en te volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing, tenzij deze gedraging plaatsvindt binnen een jaar nadat eerder aan belanghebbende een schriftelijke waarschuwing of een besluit tot verlaging op grond van een gedraging als bedoeld in artikel 5 is bekendgemaakt. 3.. De duur van de verlaging wordt verdubbeld, indien de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van een besluit tot verlaging opnieuw schuldig maakt aan een verwijtbare gedraging. 4.. Het college kan bij volgende verwijtbare gedragingen, voorzover die plaatsvinden binnen twaalf maanden na de bekendmaking van het laatste besluit tot verlaging, de verlaging op een hoger bedrag vaststellen en/of de duur van de verlaging verlengen. 5.. Onder een besluit tot verlaging wordt in dit artikel verstaan een besluit tot verlaging, tot afzien van verlaging wegens dringende redenen of tot het geven van een waarschuwing, in verband met een gedraging als bedoeld in artikel 5 van deze verordening.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel