Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Overgangstoelage bij wegvallen/verminderen toelage onregelmatige dienst

Onderdeel van Bezoldigingsverordening

1. Aan de ambtenaar wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van een toelage als bedoeld in artikel 11, een blijvende verlaging ondergaat, welke minstens 3% van de som van het salaris en de toelage, als bedoeld in artikel 7, bedraagt, wordt een afgelopende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindigen of vermindering ervan, gedurende ten minste twee jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. 2. 3Aan de ambtenaar van 60 jaar of ouder, wiens bezoldiging, als gevolg van het buiten zijn toedoen beëindigen of verminderen van de toelage als bedoeld in artikel 11, een blijvende verlaging ondergaat, wordt in afwijking van het bepaalde in het voorgaande lid een blijvende toelage toegekend, mits hij eerstgenoemde toelage, direct voorafgaande aan het tijdstip van vorenbedoelde beëindiging of vermindering ervan, gedurende tenminste 10 jaren zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten. 3. De in het eerste lid bedoelde aflopende toelage gaat, wanneer de ambtenaar de leeftijd van zestig jaar bereikt en hij, onmiddellijk voor de aanvang van die toelage, gedurende ten minste tien jaren zonder wezenlijke onderbreking een toelage als bedoeld in artikel 11 heeft genoten, over in een blijvende toelage als bedoeld in het vorige lid. 4. Voor de toepassing van de vorige leden wordt onder wezenlijke onderbreking verstaan een onderbreking van langer dan twee maanden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel