1.. De directeur verleent voor de bevoegdheden die hem op grond van artikel 4 zijn toegekend ondermandaat aan:

  • - de afdelingsmanagers, ieder voor zover het zijn eigen taakveld betreft (zoals beschreven in bijlage 3);
  • - de opgavemanagers, voor zover het zijn eigen taakveld betreft (zoals beschreven in bijlage 3a);
  • - de directeuren van aan de gemeente verbonden partijen, ieder voor zover het zijn eigen taakveld betreft (zoals beschreven in bijlage 4);

2.. Aan de directeur blijven voorbehouden de bevoegdheden zoals genoemd in bijlage 2.

3.. De afdelingsmanagers zijn bevoegd elkaar horizontaal te vervangen bij afwezigheid.