Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.8

Informeren achteraf (evaluatieverslag)

Onderdeel van Beleidskader bodem onder de Omgevingswet Gemeente Uithoorn

Na afloop van het verwijderen van de verontreiniging beschrijft de milieukundig begeleider het eindresultaat van de sanering en controleert hij of het resultaat van de sanering overeenkomt met de gestelde saneringsdoelstelling. Hieronder vallen onder andere de controlebemonstering van putbodems en putwanden (bij saneringsaanpak verwijderen) en het vaststellen of de leeflaag voldoende dik is (bij saneringsaanpak afdekken). Wanneer bijvoorbeeld blijkt dat de kwaliteit van de putbodem of putwanden voor de te saneren parameters niet overeenkomen met het te bereiken niveau, wordt aanvullend gesaneerd. Ten hoogste vier weken na het beëindigen van de milieubelastende activiteit saneren wordt aan het bevoegd gezag een evaluatieverslag verstrekt volgens BRL 6000, dat in ieder geval de volgende gegevens bevat: De resultaten van de milieukundige begeleiding, bestaande uit het onderdeel processturing met daarbij in ieder geval een opsomming van bijzondere omstandigheden die zich hebben voorgedaan tijdens het saneren van de bodem; en De resultaten van de milieukundige begeleiding, bestaande uit het onderdeel verificatie van het eindresultaat van de saneringsaanpak. Bij aanwezigheid van verontreinigingen met vluchtige stoffen in de bodem wordt ook een onderzoek overlegd dat aantoont dat de kwaliteit van de binnenlucht in een bodemgevoelig gebouw met de genomen maatregelen tegen uitdampen voldoet aan de Toxicologische Toelaatbare Concentratie in Lucht (TCL) in microgram per kubieke meter lucht zoals opgenomen in bijlage XIIIb van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Dit onderzoek voldoet aan RIVM- rapport 711701048/2007, Richtlijn voor luchtmetingen voor de risicobeoordeling van bodemverontreiniging [Lit. 20]. Als er sprake is van gebruiksbeperkingen of nazorg worden ook gegevens en bescheiden verstrekt over: De gebruiksbeperkingen die wenselijk zijn ter bescherming van de gezondheid; en Een voorstel voor de nazorgmaatregelen als bedoeld in paragraaf 5.1.4.5.2 van het Bkl, zoals het in stand houden en onderhouden van een afdeklaag. Het bevoegd gezag hoeft niet op het evaluatieverslag te reageren. Mocht echter uit het evaluatieverslag blijken dat niet (geheel) volgens het Bal en/of maatwerkregels/voorschriften gesaneerd is, dan kan het bevoegd gezag handhavend optreden op grond van de inhoudelijke artikelen uit het Bal of op grond van het omgevingsplan en/of de maatwerkvoorschriften. Het evaluatieverslag is met name van belang als de sanering plaatsvindt in samenhang met bouwen en er enige tijd zit tussen de afronding van de sanering en de start van het bouwen (bijvoorbeeld bij bedrijfsbeëindiging en doorverkoop). Een goedkeuring op een evaluatieverslag zoals onder de Wet bodembescherming gebruikelijk was, past echter niet in de systematiek van de Omgevingswet. De gemeente Uithoorn heeft ervoor gekozen om de melder te informeren dat, afgaande op de gegevens van het evaluatieverslag, aan de saneringsplicht is voldaan.

Rechtspraak bij dit artikel