7.1. De concerncontroller overlegt met de leden van het IMT van de gemeente, het college van burgemeester en wethouders, en de directie/managers en teamleiders van de Bedrijfsvoeringspartner omtrent standpunten, ziens- of handelwijzen binnen de Bedrijfsvoeringspartner ten aanzien van de realisatie van gemeentelijk beleid, die naar zijn/haar oordeel in strijd zijn met het bepaalde in artikel 4.

7.2. Indien de mening van de concerncontroller niet wordt gedeeld door de leidinggevenden van de Bedrijfsvoeringspartner, kan hij zich dienaangaande rechtstreeks wenden tot het IMT in zijn/haar rol van opdrachtgever aan de Bedrijfsvoeringspartner en zo nodig tot het college van burgemeester en wethouders, onder gelijktijdige mededeling daarvan aan de gemeentesecretaris. De concerncontroller en betrokken leidinggevende(n) van de Bedrijfsvoeringspartner zullen in elkaars bijzijn de casus voorleggen aan de gemeentesecretaris of het college van burgemeester en wethouders.