1. De gemeente kan de Wet toepassen bij vastgoedtransacties waarbij de gemeente partij is.
2. De gemeente zal een Bibob onderzoek starten indien:
a. De vastgoedtransacties die de verkoop van bestaande onroerende zaken betreffen, waaronder ook gronduitgifte in erfpacht, hebben een waarde die hoger is dan € 250.000,00 (excl. belastingen);
b. In de toekomst een aanvraag voor een beschikking zoals genoemd in deze beleidsregel nodig is, ongeacht of hiervoor een afzonderlijk Bibob-onderzoek zal worden uitgevoerd;
c. De beoogde contractspartij een bedrijfsstructuur heeft die aanleiding geeft voor een onderzoek;
d. Het vastgoedobject gebruikt wordt of gebruikt gaat worden voor één of meerdere activiteiten die genoemd zijn in Bijlage 1 van deze beleidsregel en/of het object gesitueerd is in een in Bijlage 2 bij deze beleidsregel genoemd risicogebied;
e. Het een pand betreft met een specifieke (voormalige) overheidsfunctie;
3. Bij de start van de onderhandelingen daartoe, zal de gemeente de wederpartij schriftelijk in kennis stellen dat een Bibob-onderzoek deel kan uitmaken van de procedure.
Een negatieve uitkomst van dit onderzoek kan leiden tot het niet sluiten van de vastgoedovereenkomst.
4. In de overeenkomst wordt een integriteitsclausule opgenomen, op basis waarvan kan worden overgegaan tot ontbinding, opzegging, vernietiging of opschorting van de overeenkomst bij een negatieve uitkomst van het Bibob-onderzoek.