Het gaat hierbij om locaties waar beroepsmatige contacten met asbest in bodem kunnen plaatsvinden en de aanwezigheid van asbest aanleiding voor extra beschermingsmaatregelen. Het gaat daarbij om activiteiten die een collectief belang dienen. Het gaat daarbij o.a. om bermen, plantsoenen en kabels- en leidingenstroken. De locaties liggen meestal in de openbare ruimte en zijn in het bezit van een overheid. Als koppellocatie maakt de aanpak/sanering onderdeel uit van (andere) ruimtelijke en maatschappelijke ontwikkelingen, bijvoorbeeld aanleg glasvezel, riolering en waterleidingnet renovaties, herstructurering/herprofilering van weg(bermen) etc. Het zijn terreinen die veelal in eigendom zijn bij overheden en er is een eigenaarsbelang bij de uitvoering.
Van staatssteun is in de meeste situaties geen sprake, omdat in beginsel gaat om openbare infrastructuur. Van waardevermeerdering is bij uitvoering van een sanering in de meeste situaties geen of nauwelijks sprake, omdat het geen locaties zijn die deel uit maken van het normale vrije handelsverkeer.
Het projectbureau BAS draagt 75% van de saneringskosten. De overige 25% komen ten laste van de eigenaar, veelal de gemeente. De uitvoering van de sanering leidt tot minder gebruiksbeperkingen en minder (toekomstige) kosten ten aanzien van het beheer voor zowel eigenaar (veelal de gemeente) als de beheerders van kabels- en leidingen. Bij de aanleg van kabels en leidingen kan het onrendabele deel van de saneringskosten worden bepaald door op basis van een besteksbegroting een vergelijking te maken tussen de aanleg in een schone bodem en de aanleg in en de sanering van een met asbest verontreinigde bodem.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.4
Artikel 2.4.2.
Bijdrage mogelijke beroepsmatig contact leidt tot extra beschermingsmaatregelen
Onderdeel van Vrijwillig programma asbestsanering 2.0 gemeente Borne 2024