**1..** Als het tracé in of in de nabijheid van groenvoorzieningen (niet zijnde bomen) loopt wordt de beplanting (zoals in plantvakken) door de netbeheerder verwijderd en afgevoerd, tenzij de toezichthouder ermee heeft ingestemd dat de door de netbeheerder verwijderde groenvoorzieningen door de netbeheerder zelf worden teruggezet. Het college zorgt in een gunstig jaargetijde op kosten van de netbeheerder voor nieuwe beplanting tegen marktconforme prijzen.
**2..** In relatie tot werkzaamheden voor kabels en/of leidingen kan het noodzakelijk zijn dat er ook snoeiwerkzaamheden aan groenvoorzieningen (niet zijnde bomen, maar bijvoorbeeld heesters of hagen) worden uitgevoerd. De netbeheerder stemt deze werkzaamheden tijdig af met de toezichthouder. De snoeiwerkzaamheden aan groenvoorzieningen worden altijd door of in opdracht van de gemeente uitgevoerd en zijn voor rekening van de netbeheerder.
**3..** Als naar oordeel van de gemeente groenvoorzieningen (niet zijnde bomen) te diep teruggesnoeid moeten worden, worden deze als verloren beschouwd.
**4..** Verloren gegane groenvoorzieningen (niet zijnde bomen) worden voor rekening van de netbeheerder door of in opdracht van de gemeente (in een gunstig jaargetijde) vervangen.
**5..** Bij opbreken van een sleufbedekking van (bloemrijk)gras worden ter breedte van de sleuf regelmatige zoden gestoken. De graszoden worden ‘groen op groen’ opgetast.
**6..** Indien afgesproken is dat het college zelf zorg draagt voor het herstel van de sleufbedekking, worden de vrijkomende graszoden naast de sleuf gelegd. In geval van bloemrijke bermen of bijzondere graslanden vindt herstel altijd door de gemeente plaats. Het college brengt het herstel tegen marktconforme kosten in rekening bij de netbeheerder.
**7..** Na aanvullen van de sleuf op de vereiste hoogte moeten de graszoden binnen 48 uur weer nauwkeurig worden teruggelegd, aangerold en met teelaarde gedresd. Het dressen met teelaarde geldt niet voor hooilanden. Ten slotte dienen de zoden met schoon water zolang als nodig is bewaterd te worden ter bevordering van de groei. In onderling overleg kan voor een andere werkwijze worden gekozen. De netbeheerder levert de tekortkomende zoden zelf aan en zijn voor rekening van de netbeheerder.
**8..** In bermen en velden waar gras aanwezig is en waar het steken van regelmatige zoden niet mogelijk is wordt de sleufbedekking (graspollen e.d.) naast de sleuf gelegd. Nadat de kabels of leidingen zijn gelegd en de sleuf tot op de juiste hoogte is aangevuld en verdicht wordt de sleuf, vrij van stenen en dergelijke en ingezaaid met een door het college goedgekeurd gras- /kruidenmengsel. Bepaling type gras-/kruidenmengsel geschiedt in overleg met de toezichthouder.
**9..** De werkomgeving wordt opgeleverd zoals omschreven in artikel 8.1.12.
**10..** Ter bescherming van in het wild levende planten en dieren dient de netbeheerder de wet Natuurbescherming, en de daarop gebaseerde uitvoeringsregelingen en gedragscodes, na te leven.
Hoofdstuk 9
Artikel 9.
5 Werkafspraken en voorwaarden met betrekking tot andere groenvoorzieningen
Onderdeel van Nadere regel kabels en leidingen gemeente Utrecht (Handboek kabels en leidingen)