Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10

Artikel 10.5

Beschikte locaties ernst - geen spoed

Onderdeel van Beleidskader bodem onder de Omgevingswet Gemeente Diemen

De bruidsschatregel Activiteiten op locaties met een beschikking ‘ernst - geen spoed’ (art. 22.132 Invoeringsbesluit) is een verbijzondering van de zorgplicht en een aanvullend vangnet wanneer er geen specifieke regels zijn gesteld. Het gaat hier om locaties waarvoor voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet een beschikking is verleend als bedoeld in art. 29 van de Wet bodembescherming, waarin is vastgesteld dat het huidige of voorgenomen gebruik van de bodem of de mogelijke verspreiding van de verontreiniging niet leidt tot zodanige risico's voor mens, plant of dier dat spoedige sanering noodzakelijk is. De gemeente kan via een individueel maatwerkvoorschrift nadere regels stellen over een activiteit op een beschikte ernst - geen spoedlocatie of de regels zelf aanpassen. Specifieke regels op grond van het Bal en omgevingsplan (of de omgevingsverordening), hebben voorrang. Bijvoorbeeld regels over graven, saneren en bouwen. Als iets niet specifiek is geregeld, dan voorziet deze bruidsschatregel in die leemte. Een voorbeeld is de aanpak van grondwater bij het bouwen van een bodemgevoelig gebouw. Hierover zijn geen regels gesteld. Met deze bruidsschatregel kunnen daaraan wel eisen worden gesteld. Degene die op een dergelijke locatie een activiteit verricht, neemt in het belang van bescherming van de bodem maatregelen die redelijkerwijs van hem kunnen worden verlangd om verdere verontreiniging van de bodem te voorkomen of te beperken, of – als en voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is als onderdeel van een activiteit die wordt verricht – ongedaan te maken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel