Behalve voor spoedeisende werkzaamheden is het tijdens een breekverbod niet toegestaan in de openbare ruimte werkzaamheden uit te voeren.
De gemeente kan een breekverbod instellen bij weersomstandigheden waarbij de uitvoering van de werkzaamheden tot overlast of gevaar voor de bewoners en/of schade voor de gemeente kan leiden. Bijvoorbeeld bij vorst, maar ook bij wateroverlast, zware sneeuwval of ijzel (dit is geen limitatieve opsomming). Onder andere breuken van vastgevroren bestratingsmateriaal en/of niet goed kunnen verdichten van de ondergrond wordt voorkomen door het instellen van een breekverbod.
Tijdens alle door de gemeente vergunde evenementen (kermis, (jaar)markt enzovoort, inclusief de opbouw- en afbreekperiode) is het breekverbod op de evenementenlocatie en in de directe omgeving daarvan altijd van kracht. De grondroerder dient hiermee rekening te houden in zijn planning. Na afloop van het evenement kan de grondroerder zijn werkzaamheden op de gebruikelijke wijze hervatten.
De gemeente kan, in overleg met de grondroerder, een breekverbod instellen voor de beperking van overlast voor bijvoorbeeld openbaar vervoer of winkeliers. Tenzij er door alle belanghebbenden in onderling overleg afspraken gemaakt worden voor een praktische en acceptabele oplossing.
Met inachtneming van artikel 4.3 lid 3 van dit handboek meldt de gemeente in alle overige gevallen (op digitale wijze) aan wanneer er een breekverbod van kracht is en geeft minimaal een dag van te voren aan wanneer het breekverbod wordt opgeheven. De grondroerder moet zich aan het breekverbod houden en de werkzaamheden mogen na beëindiging van het breekverbod pas weer worden hervat.