• - Bijzondere bijstand kan worden verstrekt aan een ouder met een ten laste komend kind dat jonger is dan 18 jaar en tevens voldoet aan alle volgende voorwaarden;
    • - het ten laste komende kind volgt onderwijs op een grote afstand van de woonplaats en
    • - het volgen van onderwijs op een grote afstand van de woonplaats is redelijkerwijs noodzakelijk.
  • - Ondersteuning in de vorm van vervoer of een vergoeding op basis van de Verordening leerlingenvervoer wordt in ieder geval, maar niet uitsluitend, aangemerkt als een passende en toereikende voorliggende voorziening.
  • - Onder een grote afstand wordt verstaan:
    • - voor kinderen in het basisonderwijs: een reisafstand van meer dan 6 kilometer;
    • - voor kinderen in het voortgezet onderwijs: een reisafstand van meer dan 10 kilometer.
  • - Per ten laste komend kind zoals omschreven in het eerste lid kan een vergoeding worden toegekend. De hoogte van de vergoeding wordt voor een schooljaar vastgesteld.
  • - In uitzondering op het vierde lid wordt de vergoeding toegekend voor het deel van het schooljaar van 1 september tot en met de maand waarin het ten laste komende kind 18 wordt.
  • - De hoogte van de vergoeding wordt, met toepassing van bovenstaande, per maand berekend op basis van de goedkoopste wijze van reizen gedurende de periode 1 september tot 1 juli.