Voor risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten:
Bij de uitvoering van alle treasuryactiviteiten dienen de regels en bepalingen van dit treasurystatuut, de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido), de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo), de Wet houdbare Overheidsfinanciën (Wet Hof) en de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden in acht te worden genomen;
Leningen, garanties en kapitaalverstrekkingen mogen uitsluitend uit hoofde van de “publieke taak” worden verstrekt, waarbij vooraf advies van team Strategie, Financiën & Control wordt ingewonnen over de financiële positie en de kredietwaardigheid van de betreffende partij;
Uitzettingen in het kader van de treasuryfunctie hebben een prudent karakter en zijn niet gericht op het genereren van inkomsten door het lopen van overmatig risico. Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd door de richtlijnen en limieten van de in lid 1 opgesomde wetten, regelingen en het treasurystatuut.
Voor uitzettingen in het kader van treasury worden alleen producten gebruikt waarbij de hoofdsom aan het einde van de looptijd gegarandeerd is;
De treasuryactiviteiten worden afgestemd op de bestaande financiële positie en de liquiditeitsplanning. De liquiditeitsplanning bestaat uit een planning op korte termijn (looptijd tot één jaar), alsmede een meerjarige planning met een looptijd van minimaal vier jaar;
Het gebruik van derivaten is niet toegestaan;
Financieringstransacties en garanties vinden uitsluitend plaats in euro’s.
HOOFDSTUK 2:
Artikel 3.
Uitgangspunten risicobeheer
Onderdeel van Treasurystatuut gemeente Oudewater 2024