**1..** Voor inwoners met een bijstandsuitkering voor wie de kans op inschakeling op de arbeidsmarkt gering is en die als gevolg daarvan nog niet bemiddelbaar zijn kan een participatieplaats worden ingezet. Het gaat hierbij om onbeloonde additionele werkzaamheden. Niet de te verrichten werkzaamheden staan centraal maar het leren werken of het (opnieuw) wennen aan werken is het doel van de inzet van een participatieplaats.
**2..** De gemeente kan een inwoner van 27 jaar of ouder met recht op een bijstandsuitkering volgens artikel 10a van de Participatiewet onbeloonde additionele werkzaamheden laten verrichten.
**3..** Na zes maanden werken op een participatieplaats moet aan de inwoner zonder startkwalificatie scholing of een opleiding worden aangeboden, tenzij dit niet bijdraagt aan hun kansen op de arbeidsmarkt. Hierbij wordt rekening gehouden met
Het oordeel van degene in wiens opdracht de inwoner de additionele werkzaamheden uitvoert
De scholingswens van de inwoner.
**4..** Na negen maanden vindt beoordeling plaats of de participatieplaats en de additionele werkzaamheden de kans op inschakeling in het arbeidsproces vergroot. Als dit niet het geval is, worden na 12 maanden de werkzaamheden beëindigt.
**5..** De termijn van twee jaar kan met twee keer één jaar worden verlengd als daarmee de arbeidskansen worden vergroot. Het heeft grote voorkeur de voortzetting van de participatieplaats na twee jaar te laten verrichten in een andere omgeving.
**6..** Na iedere periode van zes maanden werken op een participatieplaats wordt een premie toegekend. De hoogte van de premie is opgenomen in het financieel besluit.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.4
Artikel 3.4.2
Participatieplaats
Onderdeel van Beleidsregels sociaal domein Olst-Wijhe Januari 2024