De burgemeester onderbouwt bij een weigering van een aanvraag dan wel intrekking van de vergunning welke feiten of omstandigheden reden zijn om het levensgedrag tegen te werpen;
De volgende feiten en gedragingen kunnen in ieder geval worden betrokken bij de beoordeling van het levensgedrag:
a. gedragingen die zijn verwoord in processen-verbaal of mutaties van de politie;
b. gedragingen die zijn neergelegd in rapportages van toezichthouders;
c. gedragingen die blijken uit strafrechtelijke procedures;
d. strafrechtelijke veroordelingen, transacties en strafbeschikkingen;
e. zaken waarin het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk heeft verklaard;
f. zaken die zijn geseponeerd;
g. het (structureel) overtreden van wet- en regelgeving waarvoor bestuursrechtelijke maatregelen, zoals boetes of lasten onder dwangsom, kunnen worden opgelegd.
Hoofdstuk 2
Artikel 2:1
Algemene uitgangspunten
Onderdeel van Beleidsregel beoordeling levensgedrag gemeente Kaag en Braassem 2024