Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Verplichtingen van de beheerder

Onderdeel van Verordening verblijfsgebouwen

De beheerder is verplicht in het verblijfsgebouw aanwezig te zijn. De beheerder is verplicht er voor te zorgen, dat in geval van zijn afwezigheid in zijn vervanging is voorzien, en dat, indien de vervanging langer duurt dan een week, binnen één week na het begin van de vervan-ging daarvan schriftelijk kennis wordt gegeven aan burgemeester en wethouders, onder mededeling van de naam, de geboortedatum en het adres van de vervanger. Burgemeester en wethouders zijn bevoegd van de vervanger te vorderen, dat hij een verklaring als bedoeld in artikel 5, lid 1 onder c overlegt. Indien aan deze vordering niet wordt voldaan, is het de beheerder niet toegestaan zich door betrokkene te doen vervangen. De beheerder is verplicht de gebruiksvergunning op een plaats in het verblijfsgebouw die voor de in de artikelen 21 en 22 genoemde ambtenaren steeds toegankelijk is, duidelijk zichtbaar en leesbaar op te hangen. De beheerder, onderscheidenlijk de vervanger is verplicht de bij de vergunning behorende bescheiden op eerste aanzegging van de bedoelde ambtenaren ter inzage over te leggen. De beheerder is verplicht om van een ieder aan wie in het verblijfs-gebouw huisvesting wordt verleend, in een register de volgende gegevens aan te tekenen of te doen aantekenen: naam en voornamen; geboortedatum en -plaats; nationaliteit; de datum van aankomst en de datum van vertrek; indien mogelijk ook woonplaats en adres. Het in lid 5 genoemde register moet op eerste aanvraag aan de in de artikelen 21 en 22 genoemde ambtenaren ter hand worden gesteld. Indien de beheerder reeds een register van degene aan wie huisvesting wordt verleend op grond van een ander wettelijk voorschrift bijhoudt, wordt hij hiermede geacht een register bij te houden als bedoeld in lid 5, indien dit register de aldaar genoemde gegevens bevat. De beheerder is verplicht er voor te zorgen dat degenen die in het verblijfsgebouw zijn gehuisvest van tot het verblijfsgebouw behorende installaties en toestellen naar redelijkheid gebruik kunnen maken. De beheerder is verplicht er voor te zorgen dat de inventaris in een behoorlijke staat van onderhoud verkeert en wordt schoongehouden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel