De commissie kan omtrent het in een besloten vergadering behandelde en omtrent de
inhoud van de stukken, die aan de commissie worden overgelegd, geheimhouding opleggen.
Geheimhouding wordt zowel door de leden, die bij de behandeling aanwezig waren, als de
ingevolge artikel 2, lid 6 aanwezigen, in acht genomen tot de commissie of de commissie
de geheimhouding opheft.