Voor het geharmoniseerd beleid wordt het volgende voorgesteld:
Hoofdgebouw
Max.‘bij recht’
bij ‘afweging’
Oppervlakte
150 m² (a)
-
Goothoogte
4 m (a)
6 m (b)
Dakhelling
minimaal 30°, maximaal 60° tenzij (afgeknotte) schildkap of mansardekap
Breedte van de voorgevel
10 m (c)
Afstand ten opzichte van de weg
als bestaand
toe- of afname(d)
Afstand zijdelingse perceelsgrens
3 m (c)
0 m (e)
opmerkingen:
dan wel de bestaande maat indien dezemeer bedraagt;
mits geen onevenredige afbreukwordt gedaan aan de landschappelijke waarden en het straat- en bebouwingsbeeld;
alleen van toepassing in de bebouwingslinten;
mits geen bezwaren vanuit de Wet geluidhinder en geen onevenredige afbreuk aan het straat- en bebouwingsbeeld
mits geen onevenredige afbreuk aan de woonsituatie en het straat- en bebouwingsbeeld
Met uitzondering van de oppervlaktemaat (die aanzienlijk ruimer is dan wat voorheen van toepassing was) zijn de voorgestelde bouwregels een selectie uit de bestaande bouwregels, waarbij alleen een aantal noodzakelijke zaken zijn geregeld. Voor de bebouwingslinten is een aanvullende regel opgenomen. Dat hangt samen met de gebiedsgerichte benadering uit het Dereguleringsbesluit 2012 en de Welstandsnota 2016
Deze keuze voor een oppervlaktemaat van 150m2, is gebaseerd op de volgende overwegingen.
In de lintbebouwing van de dorpen en de bebouwde kom van Heerenveen zelf wordt in actuele bestemmingsplannen voor het hoofdgebouw uitgegaan van een gevelbreedte van 10 meter en een maximale diepte van 15 meter. Dat betekent een maximale oppervlakte van 150m2 voor het hoofdgebouw. Het blijkt goed mogelijk te zijn om een woning met een dergelijke oppervlakte te bouwen zonder daarbij afbreuk te doen aan de kenmerkende elementen van het bebouwingslint.
Wat geldt voor de linten in de dorpen en in de bebouwde kom van de plaats Heerenveen, geldt naar onze mening ook voor de linten in het buitengebied. Daarom stellen wij voor om ook daar uit te gaan van een oppervlakte van ten hoogste 150m2. Het is vervolgens een logische stap om in het belang van de eenduidigheid voor het hele buitengebied een maximale oppervlaktelimiet te hanteren van 150m2. Dat geldt uiteraard ook voor (agrarische) bedrijfswoningen in het buitengebied.
Wonen in het buitengebied is en blijft een toegevoegde functie. De gemeente voert een zeer terughoudend beleid in het toestaan van een nieuwe woningen in het buitengebied, maar de maximale oppervlakte van bestaande woningen heeft daar géén effect op. De ondergeschiktheid van de woonfunctie in het buitengebied komt vooral tot uiting in het niet verder laten toenemen van het aantal woningen.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.1
Artikel 5.1.3
Nieuw gemeentelijk beleid
Onderdeel van Harmonisatie bestemmingsplannen Buitengebied (gemeentelijke herindeling 2014)