Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.3

Afstand en veiligheid

Onderdeel van Beleidskader kleine windturbines

1.. De minimale afstand is 220 meter tot een gevoelige gebruiksfunctie, zoals een woning1Met amendement 15-A-2 heeft de gemeenteraad ter bescherming van het woon- en leefklimaat van omwonenden besloten een afstand van 220m voor windturbines tot gevoelige bestemmingen aan te houden.; 2.. De windturbine heeft een stilstandvoorziening; 3.. De minimale afstand tot gasinfrastructuur is 25 meter, tenzij de leidingbeheerder instemt met een kortere afstand; 4.. De afstand tot hoogspanningsinfrastructuur bedraagt niet minder dan de maximale werpafstand bij twee keer het nominaal toerental van de windturbine, tenzij de netbeheerder instemt met een kortere afstand; 5.. Wieken of de constructie van de kleine windturbines mogen niet overhangen boven openbaar toegankelijk gebied.

Rechtspraak bij dit artikel