Het college stelt de aanvrager van een besluit binnen 2 weken na
ontvangst van de aanvraag in kennis van andere op aanvraag te
nemen besluiten waarvan het college redelijkerwijs kan aannemen
dat deze nodig zijn voor de door de aanvrager te verrichten
activiteit en welke onder de gecoördineerde behandeling kunnen
vallen.
De aanvragen worden zoveel mogelijk gelijktijdig bij het college
ingediend om tot een gecoördineerde behandeling te komen. De
laatste aanvraag wordt niet later ingediend dan 6 weken na
ontvangst van de eerste aanvraag.
Het college kan besluiten geheel of gedeeltelijk van een
gecoördineerde behandeling af te zien indien aanvrager niet
binnen de in lid twee gestelde termijn de aanvragen voor de
besluiten heeft ingediend, mits de aanvrager de gelegenheid
heeft gehad binnen een door het college gestelde termijn alsnog
de aanvragen in te dienen.
Het college schort de behandeling van de aanvraag op tot de dag
waarop aanvrager aan het in lid twee bepaalde heeft voldaan, de
door het college gestelde termijn voor indienen van de aanvragen
ongebruikt is gelaten of de aanvrager schriftelijk te kennen
heeft gegeven van een gecoördineerde behandeling af te willen
zien.
Het college kan op verzoek van aanvrager besluiten tot afwijking
van de in het tweede lid genoemde termijn en een nieuwe termijn
bepalen
Hoofdstuk 3:
Artikel 6
Informeren aanvrager bij coördinatie
Onderdeel van Verordening gemeentelijke coördinatiebepalingen WRO