Naar hoofdinhoud
1.. Het gebruik van subsidiegelden voor een bestemmingsreserve is slechts mogelijk indien dit bij de subsidieverlening is voorzien. 2.. In de subsidieaanvraag dient voor elke bestemmingsreserve waarvoor subsidie wordt aangevraagd te worden aangegeven: het doel van de reserve; en onderbouwing van de gewenste maximale omvang van de reserve; een bestedingsplan; de verwachte duur/looptijd van de reserve. 3.. Het met gemeentelijke subsidie opgebouwde deel van een bestemmingsreserve is zichtbaar is in de jaarrekening van de subsidieontvanger. 4.. Als de subsidieontvanger geen jaarrekening of het met gemeentelijke subsidie opgebouwde deel van een bestemmingsreserve niet op andere wijze zichtbaar is wordt dit deel gesteld op het aandeel van de gemeentelijke subsidie in de jaaromzet. 5.. De subsidieontvanger verantwoordt de onttrekkingen en toevoegingen aan de bestemmingsreserve jaarlijks op een overzichtelijke wijze in de jaarrekening, of als de subsidieontvanger geen jaarrekening heeft op andere wijze, met toelichting. 6.. Voor andere aanwendingen van gelden uit de bestemmingsreserve dan het doel waarvoor die is ingesteld is toestemming van het college nodig. 7.. Bij ontbinding van de rechtspersoon kan het met de gemeentelijke subsidie opgebouwde deel van de bestemmingsreserve worden teruggevorderd.

Rechtspraak bij dit artikel