1.. Het college van burgemeester en wethouders kan op aanvraag aan één of aan beide personen die een uitkering op grond van de Participatiewet, IOAW, Bbz 2004 of IOAZ ontvangt/ontvangen maximaal eens in de vijf jaar proefsamenwonen toestaan.

2.. De proef samenwonen vangt niet eerder aan dan nadat het college van burgemeester en wethouders schriftelijk toestemming heeft verleend.

3.. De duur van de proefsamenwonen wordt individueel bepaald en vastgesteld op de periode die nodig wordt geacht om een definitief besluit te kunnen nemen over het samenwonen. Als de periode is vastgesteld op minder dan 12 maanden, dan kan de periode in overleg tussen uitkeringsgerechtigde(n) en afdelingsmanager WIZ worden verlengd tot maximaal 12 maanden in totaal.

4.. Gedurende de proefsamenwonen ontvangt de bijstandsgerechtigde een uitkering naar de norm die de belanghebbende ontving ten tijde van de aanvraag van het proef samenwonen, tenzij deze norm wijzigt wegens andere omstandigheden dan het proefsamenwonen.