1.. In het besluit tot verstrekking van een individuele voorziening wordt vastgelegd:

  • - welke individuele voorziening wordt verstrekt, wie de jeugdhulp gaat bieden en wat het beoogde resultaat daarvan is;
  • - wat de ingangsdatum en duur van de verstrekking is;
  • - de termijn van drie maanden waarbinnen de jeugdige of zijn ouder zich moet melden bij een jeugdhulpaanbieder dan wel het pgb moet besteden;
  • - of de voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt, en indien van toepassing;
  • - welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn.

2.. Bij het verstrekken van een individuele voorziening in de vorm van een pgb vermeldt het besluit naast de in het eerste lid genoemde zaken:

  • - wat de hoogte is van het pgb en hoe hiertoe is gekomen;
  • - welke kwaliteitseisen gelden voor de besteding van het pgb;
  • - op welke wijze het pgb moet worden verantwoord.

3.. Bij het besluit wordt informatie verstrekt over de rechten en plichten van de jeugdige en zijn ouders op grond van de wet, de verordening en de nadere regels