Het in artikel 31, derde lid, bedoelde uittredingsplan bevat de financiële, juridische, personele en organisatorische consequenties die gedurende een periode van vijf jaar het directe gevolg zijn van de uittreding. Tevens bevat het uittredingsplan de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende gemeente.
De uittreedsom wordt als volgt bepaald: de uittredende gemeente betaalt over het eerste kalenderjaar na de uittreding 100% van de jaarlijkse bijdrage, over het tweede jaar 80%, over het derde jaar 60%, over het vierde jaar 40% en over het vijfde jaar 20% van de jaarlijkse bijdrage.
Voor wat betreft de juridische, personele en organisatorische consequenties geldt dat het algemeen bestuur met de uittredende gemeente de mogelijkheid tot overname van personeel, activa en contracten onderzoekt. Het voorgaande behoefte echter niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het algemeen bestuur van het besluit tot uittreding van de gemeente.
HOOFDSTUK 8
Artikel 31a
Procedure en inhoud van het uittredingsplan
Onderdeel van Wijziging gemeenschappelijke regeling Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid-Limburg