Ter verduidelijking zijn hieronder alle aanpassingen in de APV die middels dit Programma Groen aangepast worden toegelicht:
- - In de huidige situatie was niet altijd duidelijk wanneer iets een boom of een struik is. We hebben nu vastgelegd dat een houtachtig, overblijvend gewas een boom is wanneer deze een stamdiameter van 10 cm of meer heeft, op een hoogte van 10cm boven maaiveld. Bij meerstammigheid geldt de stamdiameter van de dikste stam;
- - Dode of afgestorven houtopstanden buiten de kom waren vergunningplichtig. Deze regel was er om te voorkomen dat men misbruik maakte van de regels door aan te geven dat een illegaal gekapte boom dood zou zijn geweest. Dit was op dat moment vaak niet meer te controleren. Middels de nieuwe regels kunnen dode of afgestorven houtopstanden vergunningvrij worden gekapt, wel geldt een meldingsplicht inclusief het aanleveren van bewijsmateriaal (bijvoorbeeld in de vorm van duidelijke foto’s) dat de houtopstand daadwerkelijk niet meer in leven is/was. Dit geldt voor zowel houtopstanden in eigendom van de gemeente als voor particuliere houtopstanden, binnen en buiten de bebouwde kom (indien ze kapvergunningsplichtig zouden zijn geweest indien ze in leven waren). Uitzondering hierop zijn houtopstanden voorkomend op de lijst van beschermwaardige bomen, hiervoor dient altijd een vergunning te worden aangevraagd, ook als de boom afgestorven is. Voor alle dode bomen geldt dat wanneer daarin zich bijzondere natuurwaarde en vaste rust- en verblijfplaatsen bevinden, deze beschermd zijn via de omgevingswet (zelfs wanneer hiervoor een kapvergunning is verleend);
- - Alle houtopstanden in de gemeente Asten met een stamdiameter tot 35 cm op een hoogte van 30 cm boven maaiveld zijn vergunningvrij te vellen, met uitzondering van houtopstanden die ofwel op de lijst beschermwaardige bomen staan, of op een terrein staan behorende bij een gebouw met een maatschappelijke functie of aangeplant zijn in het kader van een (her)plant plicht. Voorheen waren deze bomen (zeker in het buitengebied) veelal kapvergunningsplichtig. We maken het daarmee mogelijk om dunnere en daarmee ook vaak minder waardevolle bomen zonder vergunning te kappen. Dit bespaart zowel inwoners als de gemeente geld en tijd en het risico is zeer beperkt omdat bijzondere of oudere bomen toch allemaal dikker zijn. In de afgelopen 10 jaar is ook geen één kapvergunning geweigerd voor een boom dunner dan 35cm;
- - In de oude situatie was er voor de gemeente een verschil tussen de kapregels voor loofbomen en de kapregels voor naald- en coniferen bomen. In de nieuwe regels is daar geen onderscheid meer in gemaakt;
- - Conform standaard landelijke richtlijnen moet elke boom tussen particulieren op minimaal 2m van de erfgrens staan. Als gemeente kan je in je APV hier uitzonderingen op maken. In de nieuwe situatie willen we dit doen voor vormbomen die een maximale hoogte van 5m hebben. Voorwaarden daarbij is dat de bomen vanaf eigen perceel gesnoeid moeten kunnen worden en er geen sprake mag zijn van overhangende takken over de perceelsgrens. Deze schaduwvorming van deze bomen is namelijk beperkt en ze worden veelvuldig aangeplant om bijvoorbeeld inkijk te voorkomen. Het is zeker voor particulieren met een kleine tuin niet wenselijk dat zij deze bomen dan op 2m vanaf de erfgrens moeten planten.