In deze nota zijn kaders opgenomen waarlangs kan worden bepaald, hoe binnen de gemeente Assen dient te worden omgegaan met, uit investeringen voortvloeiende, activa en afschrijvingen.

Hieronder wordt in korte bewoordingen de inhoud samengevat:

  • - Investeringen moeten worden onderscheiden in:
  • - Investeringen met een meerjarig economisch nut – deze moeten worden geactiveerd;
  • - Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut – bij investeringen vanaf begrotingsjaar 2017 is men verplicht om investeringen met een maatschappelijk nut te activeren.
  • - Activa dienen op basis van de bruto investering te worden geactiveerd. Hierop zijn uitzonderingen van toepassing. Alle activa dient zonder BTW te worden geactiveerd voor zover de BTW verrekenbaar of compensabel is.
  • - Waardering van de activa dient plaats te vinden tegen de verkrijging-, vervaardigingprijs of lagere marktwaarde.
  • - Investeringen met een verkrijging- of vervaardigingprijs onder het drempelbedrag worden niet geactiveerd maar direct ten laste van de exploitatie gebracht.
  • - Financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de nominale waarde of lagere marktwaarde. Hierop zijn uitzonderingen van toepassing.
  • - Bij gebouwen en voertuigen wordt aan het eind van de gebruikstermijn rekening gehouden met een restwaarde. Voor de aanwezige categorieën binnen deze activa zijn voor de bepaling van restwaarde specifieke rekenregels van toepassing.
  • - Activa dienen op het moment van ingebruikname te worden geactiveerd gedurende het jaar. Per jaareinde worden de nog niet afgeronde investeringen (voor eigen gebruik) gerubriceerd onder de materiele vaste activa.
  • - In de periode van verkrijging- of vervaardiging wordt geen afschrijving berekend. Met ingang van boekjaar 2018 wordt gestart met afschrijven met ingang van het boekjaar volgend op het jaar waarin het kapitaalgoed gereedkomt/verworven wordt.
  • - Investeringen worden afgeschreven op basis van economische levensduur. Hierop zijn uitzonderingen van toepassing.
  • - Als de behoefte aan de beschikbaarheid van een activum, wanneer de levensduur ervan is verstreken, blijft voortbestaan, dient voor vervanging van het activum een vervangingsschema te worden opgesteld (going concern principe).
  • - Over in gebruik genomen activa wordt rentetoerekening toegepast. Bij alle investeringsbedragen wordt een “omslagrente” berekend.
  • - Aan activa in aanbouw (= onderhanden werk) wordt onder bepaalde voorwaarden (bouw)rente toegerekend. Deze rentetoerekening is onderdeel van het investeringsbedrag.
  • - Investeringskosten van riolering moeten worden geactiveerd, omdat zij worden aangemerkt als investeringen met een meerjarig economisch nut. Bijdragen van derden kunnen onder voorwaarden hierop in mindering worden gebracht.
  • - Investeringskosten van wegen, civieltechnische kunstwerken, (omvangrijke) groenvoorzieningen en waterpartijen in de openbare ruimte moeten worden geactiveerd. Bijdragen van derden moeten hierop in mindering worden gebracht.
  • - 15} Kosten van onderhoud mogen niet worden geactiveerd.