Het doel van het gemeentelijke geluidbeleid is het behouden van de goede kwaliteiten en het benutten van kansen om voor de gebieden de geluidskwaliteit te verbeteren. Een belangrijke subdoelstelling is het realiseren van een per gebied passende geluidskwaliteit.
Het functioneel ruimtelijk gebruik van de betreffende gebieden is bepalend voor de indeling van de gebiedstypen en leidend voor het benoemen van algemeen geformuleerde geluidskwaliteiten. De functies in een gebied bepalen immers welke kwaliteiten gewenst, maar ook mogelijk zijn. Daarom is gekozen voor een gebiedstype indeling die is gebaseerd op de zogenoemde MILO-systematiek7Het doel van MILO is het versterken van de bijdrage van het milieubeleid aan de leefomgevingskwaliteit in een gebiedsgerichte benadering., zoals deze door de VNG, het IPO, de UvW en het ministerie van VROM is ontwikkeld in het kader van het MILO-project (milieukwaliteiten in de leefomgeving). Deze systematiek is een landelijk gangbare systematiek voor gebiedsgericht beleid.
Dit hoofdstuk is een beschrijving van de gebiedstypen en de gebiedsgerichte ambities. Maar het beschrijven alleen van de gewenste geluidskwaliteit is niet voldoende. De ambities moeten ook tastbaar worden door ze terug te laten komen in ruimtelijke plannen. Het gebiedsgericht geluidbeleid moet er toe leiden dat geluid nog vaker vanaf het prille begin van een ruimtelijke ontwikkeling wordt meegenomen.
Voor de gemeente Duiven zijn 11 gebiedstypen geïdentificeerd, die in paragraaf 6.3 worden beschreven. De daaraan gekoppelde ambities zijn in een tabel weergegeven. Achter tabblad 6 is kaart met daarop de geografische afbakening van de gebiedstypen weergegeven.