Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Sociale woningbouw (huur)

Onderdeel van Nota Grondprijzen 2024

De zogenaamde sociale woningbouw kenmerkt zich door het beschikbaar stellen van woningen voor doelgroepen, die onder een volledige marktwerking niet in staat zouden zijn om zelfstandig een aanvaardbare woonruimte te verkrijgen. De overheid rekent het tot één van haar taken om voor deze doelgroepen kwantitatieve en kwalitatieve woonruimte beschikbaar te stellen. Er is sprake van een sociale huurwoning indien de woning een aanvangshuur heeft die niet hoger is dan de jaarlijks door het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties vast te stellen liberalisatiegrens voor tweepersoonshuishoudens. Indexering grondprijs voor sociale woningbouw Met de woningcorporaties Beter Wonen IJsselmuiden (BWIJ) en deltaWonen (DW) is afgesproken de toegepaste jaarlijkse huurverhoging op basis van de huursombenadering van BWIJ en DW als grondslag voor de jaarlijkse indexatie van de grondprijzen voor sociale woningbouw te nemen. Hiermee is de grondslag voor de jaarlijkse indexatie gekoppeld aan de gemeentelijke huursector. De corporaties stemmen de toegepaste huurverhoging jaarlijks rond 1 april af waarna het per 1 juli ingaat voor hun huurders. Het past daarom goed om het voorafgaande jaar te hanteren voor de gemeentelijke grondprijzen, het zogenaamde T-1 principe. Per 1 januari 2024 hanteren we daarom een indexering van 2,6%, zijnde de toegepaste huurverhoging van de corporaties in 2023.De grondprijzen worden afgerond op hele euro’s. Sociale huurwoningen (grondgebonden) Voor de grondprijs onder de grondgebonden sociale huurwoningen hanteren we vanaf 1 januari 2017 in de gemeente Kampen een gedifferentieerde kavelprijs, waarbij de oppervlakte van het kavel bepalend wordt voor de kavelprijs. De woningcorporaties willen kleinere woningen bouwen, waarbij het niet meer in de rede ligt om één vaste kavelprijs te hanteren. Rekening houdend met bovenstaande percentage van indexering komt de grondprijs voor 2024 uit op € 154,-- p/m2 (excl. btw). Sociale huurwoningen (appartementen) Voor de meergezinswoningen binnen de sociale huur is de grondprijs gedifferentieerd naar het aantal woonlagen van het appartementencomplex en de grootte van de appartementen, uitgedrukt in gebruiksoppervlakte (GBO) conform NEN 2580. De grootte van het appartement is een belangrijke factor voor de hoogte van de marktwaarde van de bouwgrond. Door deze werkwijze kan er meer maatwerk worden geleverd bij de bepaling van de grondwaarde. Beneden- en bovenwoningen worden, gezien als appartementen. Rekening houdend met het indexpercentage zoals hierboven vermeld gelden voor 2024 onderstaande prijzen voor de meergezinswoningen: Tabel 3: Grondprijzen exclusief btw, gestapelde woningbouw sociale huursector 2024 Voorbeeld berekening: Aanvullende voorwaarden De grondprijzen voor sociale woningbouw zijn gebaseerd op het uitgangspunt dat de huurwoningen minimaal twintig jaar als sociale huurwoning worden geëxploiteerd. Dit betekent dat sociale huurwoningen de eerste twintig jaar niet door de corporaties mogen worden verkocht, anders dan met specifieke toestemming van de gemeente. Indien de woningen eerder worden verkocht of tegen commerciële prijzen worden verhuurd, vindt een verrekening plaats op de grondprijs. Als uitgangspunt geldt ook dat ervan uitgegaan wordt dat het parkeren op openbaar gebied plaatsvindt (met uitzondering van de binnenstedelijke ontwikkeling), voor de eengezinswoningen. Voor meergezinswoningen wordt per locatie bekeken welke parkeeroplossing het meest geschikt is voor de locatie.

Rechtspraak bij dit artikel