Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 19

Investeringen

Onderdeel van Verordening financieel beheer en beleid gemeente Den Haag

1.. De raad stelt het Meerjarig Investeringsplan (MIP) en wijzigingen daarop vast als onderdeel van de begroting en stelt daarmee de investeringsbudgetten beschikbaar aan het college. 2.. Investeringsvoorstellen voor het MIP zijn voorzien van dekking voor structurele kapitaallasten en dekking voor structurele financiële gevolgen voor beheer en onderhoud. 3.. Voordat het college uitvoering kan geven aan investeringsprojecten vanaf € 2,5 mln. is een raadsbesluit nodig. Het bedrag van € 2,5 mln. geldt altijd, onafhankelijk van de herkomst van de middelen. Het maakt niet uit of gelden afkomstig zijn uit het MIP, reserves, begrotingsmiddelen of bijdragen van derden. 4.. Het college besluit over verrekeningen van over- en onderschrijdingen op investeringsbudgetten binnen een programma. 5.. Het college legt in de begroting verrekeningen van over- en onderschrijdingen op investeringsbudgetten tussen programma’s ter besluitvorming voor aan de raad. 6.. Het college legt in de begroting wijzigingen in jaarschijven van de investeringsbudgetten (herfasering) en de eventueel daarbij behorende begrotingswijzigingen van de exploitatie ter besluitvorming voor aan de raad. 7.. Het college rapporteert in het halfjaarbericht en het jaarverslag over investeringsprojecten uit het MIP die minimaal € 2,5 mln. bedragen en/of bestuurlijk relevant zijn. 8.. Indien de kapitaaluitgaven van een investeringsproject over meerdere jaren verlopen dan gelden de volgende regels inzake rentetoerekening en afschrijving: de kapitaaluitgaven worden gedurende het jaar door de dienst voorgefinancierd. Bij de jaarrekening wordt een lening aangegaan bij de Treasury. in het jaar daaropvolgend tot en met het jaar van ingebruikname/oplevering wordt rente (omslagrente) toegerekend aan de materiële vaste activa in uitvoering. Bij de investeringsaanvraag dient met deze rentecomponent rekening te worden gehouden. het jaar volgend op de ingebruikname wordt rente (omslagrente) toegerekend aan het actief en wordt er volgens de geldende afschrijvingstermijn afgeschreven. Indien de kapitaaluitgaven van een investering in één jaar plaatsvinden, dan wordt in het jaar volgend op ingebruikname (omslag)rente en afschrijving berekend over het actief. 9.. Een overschrijding van een investeringsraming in enig jaar is toegestaan, mits de totale investering niet wordt overschreden. ​

Rechtspraak bij dit artikel