Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4. › Paragraaf 4.3

Artikel 4.3.3.

Bomen bij de erfgrens

Onderdeel van Bomennota Apeldoorn 2024 – 2040

In het Burgerlijk Wetboek staan bepalingen voor bomen bij de erfgrens. Volgens artikel 5:42 BW moeten bomen in beginsel op 2 meter van de erfgrens staan. Staat een boom binnen deze zone, dan kunnen buren verwijdering verlangen. Dit leidt tot veel juridische conflicten, ook rond gemeentebomen. Het is echter mogelijk om als gevolg van een verordening of een plaatselijke gewoonte een kleinere afstand tot de erfgrens toe te laten. Gemeente Apeldoorn neemt om deze reden in haar Algemeen Plaatselijke Verordening (of omgevingsplanregels) andere afstanden op: ‘Nihil’ voor heesters en heggen en 0,5 meter voor bomen nihil voor bijzondere bomen Hiermee komt de gemeente tegemoet aan het Apeldoornse gebruik om bomen aan de zijkant van de tuin te plaatsen. Tegelijkertijd is er minder discussie over gemeentebomen dichter op de erfgrens. De gemeente moet bij aanplant van bomen immers rekening houden met een doelmatige inrichting van de openbare ruimte. In sommige gevallen betekent dit dat bomen binnen 2 meter van de erfgrens geplaatst moeten worden, bijvoorbeeld in smalle trottoirs. Het belangrijkste argument om deze regel aan te passen is dat Apeldoorn een vergroeningsopgave kent en dat de bescherming van het bestaande groen daarbij belangrijk is. Om te voorkomen dat te veel waardevol groen verloren gaat, neemt de gemeente - net als veel andere gemeenten - een lokale regel op in de APV. Naast het argument van bescherming van bestaande bomen wil de gemeente stimuleren dat ook men- sen in kleinere tuinen bomen kunnen planten zonder dat ze het risico lopen dat buren verwijdering eisen. Mensen kunnen nu niet zonder toestemming van de buren (lei)bomen dichtbij de erfgrens plaatsen. Dat zou heel jammer zijn. 50% van de ruimte in bebouwd gebied is in particulier eigendom. Ruimte die heel relevant is om Apeldoorn verder te vergroenen. Met het nieuwe beleid mogen straks ook in kleinere tuinen, zonder toestemming van de buren, binnen twee meter van de erfgrens (kleinere) bomen worden geplant. Foto: Jasper Leliveld Overhangende takken en doorschietende wortels gemeentebomen Voor overhangende takken gelden andere bepalingen, die los staan van de afstand die de boom van de erfgrens staat. Artikel 5:44 BW betreft het verwijderingsrecht van overhangende takken. Dit betekent niet dat alle overhangende takken bij de erfgrens afgezaagd mogen worden. De snoei moet in redelijkheid gebeuren. Bij snoei mag geen halve kroon verwijderd worden, omdat de kans dan groot is dat de boom daardoor afsterft. Voor gemeentebomen geldt in beginsel geen uitzonderingspositie bij een verzoek tot verwijdering van overhangende takken. Uiteraard heeft de gemeente wel de bijzondere taak om een redelijke afweging te maken tussen het algemene en het individuele belang. Voor over de erfgrens doorschietende wortels geldt deze bepaling niet. Deze mag de eigenaar verwijderen, tenzij dit de boom zodanig beschadigt dat hij afsterft of instabiel raakt. Gemeente Apeldoorn beoordeelt snoeiverzoeken aan gemeentebomen zorgvuldig. Uiteraard willen we een goede buur zijn en willen we niet dat overhangende takken voor problemen zorgen. Dit wegen we af tegen het belang van het hebben en houden van kwalitatief gezonde bomen én het vergroten van het groenoppervlak of kroonvolume. Met name voor Bijzondere bomen, toekomstbomen en bomen in de Groenstructuur is expliciet bepaald dat deze bomen zoveel mogelijk een natuurvolgende verschijningsvorm (moeten) hebben. Drastisch- of eenzijdig snoeien wordt niet gezien als een zorgvuldige, toekomstbestendige beheermaatregel. Uitzonderingen zijn exemplaren waarbij cultuurhistorie een rol speelt. Denk aan knotwilgen langs een watergang of leilinden voor een oude boerderij. Of aan een veterane boom die na een drastische snoei nog jaren veilig kan blijven staan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel