Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4:

Artikel 27:

Kadernota en begroting

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Avri

1.. Het dagelijks bestuur zendt vóór 1 december van het tweede jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders aan de raden. 2.. Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting voor 15 april van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting dient, toe aan de raden. 3.. De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de colleges voor een ieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld. 4.. De raden kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden. 5.. Het dagelijks bestuur stelt de raden voorafgaande aan het vaststellen van de begroting schriftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, bedoeld in het vierde lid, alsmede van de eventuele conclusies die het daaraan verbindt. 6.. Het algemeen bestuur stelt de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. 7.. Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur de begroting aan de raden, die ter zake bij gedeputeerde staten van Gelderland hun zienswijze naar voren kunnen brengen. 8.. Het dagelijks bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 september van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan gedeputeerde staten. 9.. Het tweede, vierde, vijfde en zevende lid zijn van toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting, behoudens die wijzigingen die niet tot een verhoging van de gemeentelijke bijdragen leiden. Het achtste lid is van toepassing op besluit tot wijziging van de begroting, met dien verstande dat de wijziging niet voor 15 september van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient hoeft te worden ingezonden aan gedeputeerde staten.

Rechtspraak bij dit artikel