Naar hoofdinhoud

Deel 1: › Paragraaf 1.3

Artikel 1.3.1

Het landschap als onderlegger

Onderdeel van Beeldkwaliteitsplan De Horsten

In het plangebied zijn drie verschillende landschapstypes te onderscheiden: Het noordelijk deel, gelegen ten noorden van de Hemmelhorst, ligt in een jong ontginningslandschap. Kenmerkend zijn de rechtlijnige verkavelingen en de rechte wegen, zoals de Hemmelhorst en de 3e Hemmelhorst. Langs deze wegen en langs sloten haaks erop stonden van oudsher groenopstanden. Een groot deel ervan is in de loop der jaren verdwenen, maar voor de overgebleven, waardevolle bomen wordt onderzocht of deze ingepast kunnen worden in de nieuwe woonomgeving. De bodem in dit plandeel leent zich goed voor infiltratie. Het midden is gelegen in het beekdal van de (oude) Slangenbeek. Dit iets lagergelegen gebied met daarin meanderend de Slangenbeek vormt een groene verbinding tussen het Bornsche Beekpark met de Bornsche Beek en het buitengebied. Langs de Slangenbeek staan op enkele plekken grote, waardevolle bomen. Uitgangspunt is dat deze bomen, indien mogelijk, gehandhaafd en ingepast worden in de te ontwikkelen plannen. In de beekdalzone zijn reeds, westelijk van en grenzend aan dit plandeel, diverse ontwikkelingen realiseerd (woningbouw in de Blauwebes en het kindcentrum De Horsten) of worden nog ontwikkeld (woningen in het Hemmelhorsterhofje). Ruimtelijk gezien zijn dit allemaal autonome ontwikkelingen, gelegen in de groene omgeving van het beekdal. Het beekdal leent zich goed als verzamelplek voor overtollig regenwater uit de aangrenzende woonomgevingen alvorens het via een bodempassage over kan storten in de beek. Het zuidelijk deel is gelegen in het kampenlandschap. Dit landschap is van oudsher kleinschaliger met beplantingsstructuren op de kavelgrenzen en het heeft een meer organische verkavelingsstructuur. Dit komt duidelijk terug in de begrenzing van dit plandeel: de 2e Hemmelhorst met deels een laanbeplanting van eiken (oude oprijlaan naar voormalige boerderij) en deels een afwisseling van bosschages, open stukken en hakhout langs dit oude zandpad en de begrenzing aan de oostzijde met op de kavelgrenzen losse beplantingsstructuren. Infiltratie van regenwater in de bodem is in dit plandeel door de keileem in de ondergrond niet mogelijk.

Rechtspraak bij dit artikel