De driedeling in het landschap is stedenbouwkundig te herkennen in de verkaveling. Er is duidelijk sprake van drie verschillende verkavelingsstructuren die allen heel specifiek zijn gebaseerd op het onderliggende landschap.
In het noordelijk deel is sprake van een rechtlijnige opzet van de verkaveling. Een tweetal autovrije woonstraten en een drietal parkeerkoffers zijn, gelegen in oostwest richting, opgespannen tussen de 3e Hemmelhorst in het westen (een zandpad als scheiding tussen de buurten Eschwonen en De Horsten) en de plangrens met het buitengebied in het oosten. De breedte van deze autovrije woonstraten, de tussenruimte tussen de gevels, is gelijk. Alleen om bestaande bomen in te passen of een stedenbouwkundige afronding te maken is er hier en daar een sprong in de rooilijn gemaakt. Haaks op de autovrije woonstraten is de laan gelegen als verlengstuk van de Aakamp. Deze laan wordt aan twee zijden begeleid door bomen. De laan kruist de Hemmelhorst en eindigt tegen het poortgebouw van het meest noordelijk gelegen blok met rijwoningen. Alle rijwoningen zijn gesitueerd langs de autovrije woonstraten. De aaneen geslotenheid van de rijwoningen vormt de gewenste begeleiding van de autovrije verblijfsruimtes. Hierdoor profiteren deze woningen met relatief kleine kavels, het meest van de groene woonstraten. Het resterend deel van het woningbouwprogramma in de vorm van enkele rijwoningen, 2-onder-1 kap- en vrijstaande woningen, zijn gesitueerd in de randen van de plandelen noord en zuid. Hierdoor ontstaat in deze randen een openheid en afwisseling van typologieën die zowel goed aansluit bij de oude structuren als de Hemmelhorst, 2e Hemmelhorst en 3e Hemmelhorst als de nieuwe dorpsranden aan de oostkant.
In het middengedeelte zijn in het verlengde van reeds gerealiseerde ontwikkelingen in het beekdal, drie autonome ontwikkelingen voorzien. In het meeste westelijke deel (gebied A) worden patiowoningen ontwikkeld, in het centrale deel oostelijk van het kindcentrum (gebied B) een appartementencomplex waar ook de mogelijkheid bestaat om maatschappelijke voorzieningen (gedacht wordt aan gezondheidszorg) te realiseren, die de ontwikkeling van seniorenappartementen of zorgwoningen op deze plek in de wijk aantrekkelijk maken.
In het oostelijke deel (gebied C) is de ontwikkeling van twee appartementencomplexen voorzien met elk een gevarieerde opbouw tot maximaal 6 lagen. Gestapelde woningbouw aan de rand van de Bornsche Maten is een bijzondere keuze. Het oorspronkelijke masterplan is altijd uitgegaan van een extensivering richting het oosten, dus minder woningen of grotere kavels. De woningbehoefte is echter veranderd sindsdien; tegenwoordig is er meer vraag naar kleinere woningen voor 1- en 2-persoonshuishoudens en betaalbare woningen. Tevens vraagt deze locatie, het beekdal van de Slangenbeek, om een andere invulling dan de grondgebonden woningen die elders in de wijk zijn toegepast. Daarom is er op deze locatie gekozen voor de situering van enkele appartementencomplexen.
Al deze ontwikkelingen zijn gelegen in het beekdal van de Slangenbeek. De richting van de bouwblokken is vrij. Deze mogen als solitaire bouwblokken in het landschap staan en hoeven zich niet aan te passen aan bouwrichtingen in de omgeving.
In het zuidelijk deel is er sprake van een organische opzet. De twee autovrije woonstraten liggen in noordzuid richting in het plangebied. De maatvoering in deze woonstraten varieert van smal naar breed en weer terug naar smal. Tussen de woonstraten in is een drietal parkeerkoffers gelegen. Deze worden ontsloten door een parkeerstraat die ook de verbinding vormt met de Aakamp. Alle rijwoningen zijn gesitueerd langs de autovrije woonstraten. De 2-onder-1 kap en de vrijstaande woningen zijn allemaal gesitueerd langs de randen. De reden van deze verdeling is gelijk aan het noordelijke deel.