Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.1

Artikel 2.1.2

Materiële vaste activa

Onderdeel van Nota waardering en afschrijving vaste activa 2024

Materiële vaste activa zijn investeringen met een meerjarig economisch nut of maatschappelijk nut in de openbare ruimte. Volgens artikel 35 van het BBV bestaan er drie soorten materiële vaste activa, welke afzonderlijk in de balans van de gemeente moeten worden opgenomen: investeringen met een economisch nut; investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven; investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut. Het vernieuwde BBV heeft in het kader van de uniformiteit, transparantie en vergelijkbaarheid tussen gemeenten, het zogenaamde netto activeren verplicht gesteld. Dit houdt in dat eventuele bijdragen van derden in aftrek moeten worden gebracht op de investering. Het verrekenen van bijdragen uit reserves is met ingang van 2017 niet meer toegestaan. Reserves mogen alleen worden ingezet ter dekking van de afschrijvingslasten. Investeringen met economisch nut Dit zijn investeringen die bijdragen aan de mogelijkheid middelen te verwerven en/of verhandelbaar zijn. Voorbeelden hiervan zijn: investeringen in gebouwen, vervoermiddelen, installaties, automatisering. Investeringen met economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven Dit zijn investeringen die bijdragen aan de mogelijkheid middelen te verwerven en/of verhandelbaar zijn, waarvoor ook heffingen kunnen worden opgelegd, zoals investeringen in afvalstoffenheffing en riolering. Investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut Dit betreft investeringen in de openbare ruimte, zoals wegen, bruggen en openbaar groen. Deze investeringen genereren geen middelen en er is geen markt voor. Het vernieuwde BBV bepaalt in artikel 59 lid 1 dat er geen keuze meer is om deze investeringen wel of niet te activeren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel