Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2

Artikel 9.

Peuteropvang

Onderdeel van Subsidieregeling gemeente Oldebroek 2024

1.. Activiteiten Subsidie kan uitsluitend worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het financieel toegankelijk maken van peuteropvang voor kinderen waarvan de ouders geen recht hebben op kinderopvangtoeslag. Het bezoeken van de voorschoolse voorzieningen draagt bij aan de ontwikkeling van kinderen en aan een goede start voor kinderen op de basisschool. De activiteiten dienen te worden uitgevoerd door instanties die voldoen aan de volgende voorwaarden: men voldoet aan de kwaliteitseisen Kinderopvang volgens de Wet Kinderopvang; de voorschoolse voorzieningen werken met het programma TripleP voor positief opvoeden, de verwijsindex en de meldcode kindermishandeling. 2.. Doelgroep Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan voorschoolse instanties voor kinderen tussen de 2,5 en 4 jaar in de gemeente Oldebroek waarvan de ouders geen kinderopvangtoeslag kunnen aanvragen voor de peuteropvang. 3.. Hoogte van de subsidie De subsidie wordt verstrekt op basis van het gemeentelijk onderwijsachterstandenbeleid 2022-2026. De hoogte van subsidie wordt bepaald op basis van de ingediende aanvraag/begroting. De berekening van de subsidie is als volgt: het maximum uurtarief kinderopvangtoeslag x aantal uren per week x 40 weken minus de ouderbijdrage (volgens VNG adviestabel ouderbijdrage 2024). Het maximaal aantal uren per week dat wordt gesubsidieerd is 8 uur per week. 4.. Wijze van verdeling De voorschoolse instantie geeft het aantal peuters door aan de gemeente die binnen de regeling vallen. Dit aantal wordt gefinancierd met subsidie. Er is geen wijze van verdeling. 5.. Verplichtingen Het college kan in de verleningsbeschikking verplichtingen opleggen. 6.. Verantwoording Voorschoolse voorzieningen stellen na het subsidiejaar een jaarverslag op over de uitvoering van de peuteropvang en de bereikte kinderen. Daarnaast wordt een financiële verantwoording gegeven van het beschikte subsidiebedrag, waarbij rekening wordt gehouden met de geïnde ouderbijdrage.

Rechtspraak bij dit artikel