Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.6

Artikel 2.6.2

Begeleiding individueel specialistisch

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Oldebroek 2024

Bij begeleiding specialistisch is er sprake van een tijdelijk interventie (maximaal 6 maanden) waarbij er een behoefte is aan extra, “andere” of aanvullende competenties en deskundigheid in verband met die specifieke situatie. Begeleiding specialistisch kan ingezet worden wanneer een situatie escaleert of dreigt te escaleren en er stabilisatie nodig is en is in principe altijd voor een kortere periode van toepassing (dit in tegenstelling tot reguliere begeleiding die vaak voor een langere periode van toepassing is). Uitgangspunt is dat begeleiding specialistisch wordt ingezet in plaats van de reguliere begeleiding. Een combinatie van of specifieke gedragsproblematiek is geen reden om begeleiding specialistisch in te zetten. Voorwaarde voor begeleiding specialistisch is dat er een reële verwachting bestaat dat de inwoner met behulp van de inzet van begeleiding specialistisch is te stabiliseren dan wel een positieve verandering door te maken en/of de inzet van specialistische begeleiding bijdraagt aan versnelde zelfredzaamheid en participatie. Dit zodat daarna de reguliere begeleiding weer een toereikende maatwerkvoorziening is. Bij verslechtering of aanvullende problematiek moet altijd een kritische afweging worden gemaakt of er nog sprake is van maatwerkondersteuning vanuit de Wmo of dat behandeling voorliggend is 2.6.2.1 Doelgroep Inwoners met psychische- en psychosociale klachten, niet aangeboren hersenletsel (NAH), een psychiatrische aandoening of beperking, psychogeriatrische aandoening/beperking, verstandelijke beperking, lichamelijke of zintuiglijke beperking, of een combinatie daarvan, met beperkingen op het terrein van- of knelpunten met: sociale redzaamheid; psychisch functioneren; bewegen en verplaatsen; geheugen en oriëntatie; probleemgedrag. Onderstaande kenmerken geven aan dat een inwoner in aanmerking kan komen voor begeleiding specialistisch. Inwoner heeft ernstig tekortschietende vaardigheden in het zelfregulerend vermogen of bij gedragsproblemen, zoals: Acute “extra” psychische en/of psychiatrische problematiek; Aanvullende diagnoses met invloed op het dagelijks functioneren van de inwoner; Minder remmingen op gedrag/zwaardere gedragsproblemen en/of onvoorspelbaarheid en/of grilligheid (geen standaard protocol van handelen mogelijk) dat niet hanteerbaar is voor de betrokkene zelf; Toename in destructief gedrag (gericht op zichzelf en/of de ander); Toename in zelf verwondend of zelfbeschadigend gedrag; Toename van complexe problematiek, waardoor er ernstige beperkingen in het dagelijks functioneren ontstaan; Het gaat in deze vorm van ondersteuning om zowel planbare als niet planbare ondersteuning. De inwoner heeft naast één of meerdere vaste dagen en tijdstippen begeleiding ook ondersteuning nodig wanneer zich een ad hoc situatie voordoet. De inwoner heeft dan direct ondersteuning nodig. Waardoor er bij niet ingrijpen sprake is van: Grote risico’s voor de veiligheid van de inwoner en omgeving en/of; Een sterkere toegenomen verslechtering van de gezondheidssituatie van de inwoner dan bij reguliere begeleiding in een meer stabiele situatie.

Rechtspraak bij dit artikel