Naar hoofdinhoud

Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Leiderdorp 2024

150 artikelen

Artikelen

  1. Art. 1.1.Inleiding
  2. Art. 1.2.Melding
  3. Art. 1.3Scheiding melding en aanvraag
  4. Art. 1.4Behandeling melding
  5. Art. 1.4.1Onafhankelijke cliëntondersteuning
  6. Art. 1.4.2Persoonlijk plan
  7. Art. 1.5Onderzoek
  8. Art. 1.5.1Procedureregels en opschorten beslistermijn
  9. Art. 1.5.2Mantelzorg en dreigende overbelasting
  10. Art. 1.6Verslag
  11. Art. 1.6.1Verschil van mening over het verslag
  12. Art. 1.7Aanvraag maatwerkvoorziening
  13. Art. 1.7.1Inwinnen advies
  14. Art. 1.8Beschikking voor een maatwerkvoorziening
  15. Art. 1.8.1Beschikking voor vrouwenopvang
  16. Art. 1.9Eigen bijdrage maatwerkvoorziening
  17. Art. 1.9.1Eigen bijdrage in geval van opvang
  18. Art. 1.9.2Start eigen bijdrage
  19. Art. 2.1Inleiding
  20. Art. 2.2Ondersteuningsterreinen
  21. Art. 2.3Algemene voorzieningen
  22. Art. 2.4Algemeen gebruikelijke voorzieningen
  23. Art. 2.5Gebruikelijke hulp
  24. Art. 2.5.1Aard en de omvang ondersteuningsbehoefte
  25. Art. 2.5.2Aard van de relatie met de inwoner
  26. Art. 2.5.3Leeftijd en ontwikkelingsfase van inwonende kinderen
  27. Art. 2.5.4Mogelijkheid om gebruikelijke hulp aan te leren
  28. Art. 2.6Mantelzorg
  29. Art. 2.7Aanspraak op andere wetgeving
  30. Art. 2.7.1Eigen aanschaf
  31. Art. 2.8Afstemming met de Wet langdurige zorg
  32. Art. 2.8.1Thuiswonen met Wlz-indicatie
  33. Art. 2.8.2Overgang Wmo naar Wlz
  34. Art. 2.9Afstemming Zorgverzekeringswet
  35. Art. 2.10Lopende beschikking
  36. Art. 2.11Goedkoopst compenserende voorziening
  37. Art. 3.1.Inleiding
  38. Art. 3.2Resultaten
  39. Art. 3.3Gebruikelijke hulp
  40. Art. 3.3.1Aanvraag voor kortdurende huishoudelijke ondersteuning
  41. Art. 3.3.2Fysieke aanwezigheid
  42. Art. 3.3.3Uitstelbare huishoudelijke taken
  43. Art. 3.3.4Aanleren huishoudelijke taken
  44. Art. 3.4Eigen verantwoordelijkheid inwoner
  45. Art. 3.4.1Technische hulpmiddelen en woonvoorzieningen
  46. Art. 3.4.2Houden van huisdieren
  47. Art. 3.5Maatwerkvoorziening huishoudelijke ondersteuning
  48. Art. 3.5.1Eenmalige aanpak schoonmaakwerkzaamheden bij ernstige vervuiling
  49. Art. 3.6Maaltijdvoorziening
  50. Art. 4.1.Inleiding
  51. Art. 4.2Eigen verantwoordelijkheid
  52. Art. 4.2.1.Plotselinge noodzaak
  53. Art. 4.2.2Aanvraag voor drempel(hulp)
  54. Art. 4.3Zelfstandige woonruimte, woonboten en woonwagens
  55. Art. 4.4Primaat van verhuizen en maatwerkvoorziening verhuis- en herinrichtingskosten
  56. Art. 4.4.1Tijdelijke maatwerkvoorzieningen
  57. Art. 4.5Specifieke criteria ten aanzien van een maatwerkvoorziening
  58. Art. 4.5.1.Bereiken van de tuin
  59. Art. 4.6Eigenaar maatwerkvoorzieningen
  60. Art. 4.7Onderhoud en reparatie maatwerkvoorzieningen
  61. Art. 4.7.1Onderhoud van maatwerkvoorzieningen in gemeenschappelijke ruimten
  62. Art. 4.8Verwijderen maatwerkvoorzieningen
  63. Art. 4.9Logeerbaar maken van een woning voor inwoners van een Wlz-instelling
  64. Art. 4.10Woningsanering
  65. Art. 4.10.1Afwijzing woningsanering
  66. Art. 4.11Mantelzorgwoning
  67. Art. 5.1Inleiding
  68. Art. 5.2Eigen verantwoordelijkheid
  69. Art. 5.3Algemene doelen van maatwerkarrangementen
  70. Art. 5.4Soorten maatwerkarrangementen
  71. Art. 5.5De opbouw van de maatwerkarrangementen
  72. Art. 5.5.1De resultaatgebieden
  73. Art. 5.5.2De intensiteiten
  74. Art. 5.5.3scheiden wonen en zorg
  75. Art. 5.6Cliëntgroepen maatwerkarrangementen
  76. Art. 5.7Maatwerkvoorziening kindverzorging
  77. Art. 5.8Personen met een zintuiglijke beperking
  78. Art. 5.9Bemoeizorg
  79. Art. 6.1Inleiding
  80. Art. 6.2specialistisch maatwerkvoorziening wonen met ondersteuning
  81. Art. 6.2.1aanmelden specialistisch wonen met ondersteuning
  82. Art. 6.2.2criteria voor specialistisch wonen met ondersteuning
  83. Art. 6.2.3De duur van de toekenning
  84. Art. 6.3overbruggingszorg
  85. Art. 6.5vormen specialistische woonvoorzieningen
  86. Art. 6.5.1Traject woonbegeleiding ouder-kind
  87. Art. 6.5.2Traject woonbegeleiding na verslavingsbehandeling
  88. Art. 6.5.3Specialistisch wonen thuis
  89. Art. 6.6Persoonsgebonden budget Wonen met ondersteuning
  90. Art. 6.7(Specialistische) Maatschappelijke opvang
  91. Art. 6.8Vrouwenopvang
  92. Art. 7.1Inleiding
  93. Art. 7.2Vervoer als maatwerkvoorziening
  94. Art. 7.3Aard van de verplaatsingen
  95. Art. 7.4Beoordelingscriteria ten aanzien van de mobiliteit
  96. Art. 7.5Gemiddelde vervoersbehoefte
  97. Art. 7.6Vervoeren en verplaatsen in de directe leefomgeving
  98. Art. 7.6.1Valys
  99. Art. 7.7Collectieve voorziening: de Regiotaxi
  100. Art. 7.7.1Afwijken van het collectief vervoer
  101. Art. 7.7.2Vorm van verstrekken
  102. Art. 7.7.3Begeleiding bij het gebruik van de Regiotaxi
  103. Art. 7.8Maatwerkvoorziening voor de zeer korte afstand
  104. Art. 7.9Aanpassing eigen auto
  105. Art. 7.9.1Voorwaarden aanpassing eigen auto
  106. Art. 7.10Rolstoel als maatwerkvoorziening
  107. Art. 7.10.1Rolstoel voor continu gebruik
  108. Art. 7.10.2Incidenteel rolstoelgebruik
  109. Art. 7.10.3Sportvoorziening
  110. Art. 7.11Criteria rolstoel via het persoonsgebonden budget
  111. Art. 8.1Inleiding
  112. Art. 8.2Voorwaarden toekennen persoonsgeboden budget
  113. Art. 8.2.1Motiveren persoonsgebonden budget
  114. Art. 8.2.2Pgb-vaardigheden
  115. Art. 8.2.3De kwaliteit van de in te kopen ondersteuning
  116. Art. 8.2.4kwaliteitseisen voor PGB bij Wonen met ondersteuning
  117. Art. 8.2.5Kwaliteitseisen voor PGB voor (Specialistisch) wonen met ondersteuning
  118. Art. 8.3Overwegende bezwaren
  119. Art. 8.4Omvang persoonsgebonden budget
  120. Art. 8.4.1Begrenzing van de bestedingsvrijheid
  121. Art. 8.5Ondersteuning door non-professional
  122. Art. 8.5.1Uitbetaling persoonsgebonden budget volgens wettelijk minimumloon
  123. Art. 8.6Meerkosten persoonsgebonden budget
  124. Art. 8.7Eisen aan de zorgovereenkomst
  125. Art. 8.8Eisen aan een vertegenwoordiger
  126. Art. 8.9Persoonsgebonden budget voor materiële maatwerkvoorzieningen
  127. Art. 8.9.1Uitbetaling van het persoonsgebonden budget voor materiële maatwerkvoorzieningen
  128. Art. 8.9.2Onderhoud materiële maatwerkvoorzieningen
  129. Art. 8.9.3Hoogte persoonsgebonden budget tweedehands materiële maatwerkvoorzieningen
  130. Art. 8.10Aanvraag persoonsgebonden budget gedurende verstrekkingstermijn
  131. Art. 8.11Controle rechtmatigheid persoonsgebonden budget
  132. Art. 8.11.1Controle doelen persoonsgebonden budget
  133. Art. 8.12Beëindigen persoonsgebonden budget
  134. Art. 9.1Mantelzorgondersteuning
  135. Art. 9.1.1Mantelzorgwaardering
  136. Art. 9.1.2Respijtzorg
  137. Art. 9.1.3.Maatwerkvoorziening kortdurend verblijf
  138. Art. 9.2Ondersteuning aan 16-23 jarigen
  139. Art. 9.2.1Zorgcontinuïteit specialistische aanbieders en gebruik van het Perspectiefplan (Specialistische hulp of Maatwerkvoorziening)
  140. Art. 9.2.2Verlengde jeugdhulp tot maximaal 23 jaar
  141. Art. 9.2.3Overzetten Pgb-jeugd in Wmo-pgb
  142. Art. 9.3Contractmanagement Wmo
  143. Art. 9.4Toezichthoudend ambtenaar
  144. Art. 9.5Toezichthouder rechtmatigheid
  145. Art. 9.6Verplichting tot medewerking
  146. Art. 9.7Meldcode huiselijk geweld
  147. Art. 9.8Privacy
  148. Art. 9.9Overgangsregeling PGB
  149. Art. 9.10Overgangsrecht Zorg in Natura
  150. Art. 9.11Citeertitel en inwerkingtreding