Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1

Artikel 16.

Plicht tot afkoppelen in geval van bestaande bouw

Onderdeel van Waterafvoerverordening Gemeente Noordwijk

1.. Het is verboden vanaf een bestaand bouwwerk of een bestaand verhard oppervlak in een gebied, aangewezen door middel van een besluit van de beheerder, in een openbaar vuilwaterriool of gemengd riool hemelwater te lozen of grondwater te lozen dat vrijkomt bij drainage, oppompen of andere vormen van onttrekkingen. 2.. Bij het instellen van het verbod, zoals bedoeld in lid 1, geldt voor het aangewezen gebied hetgeen is opgenomen in artikel 14, lid 2 t/m 5, van deze verordening. Ook kan de beheerder aanvullende eisen stellen aan de wijze waarop de lozing wordt beëindigd. 3.. De gebiedsaanwijzing treedt in werking een dag na de bekendmaking ervan. Binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van het besluit dient de afkoppeling te zijn gerealiseerd. De beheerder kan deze termijn met ten hoogte twaalf maanden verlengen. 4.. De beheerder kan ontheffing verlenen van het verbod als bedoeld in lid 1, indien van de eigenaar van het bouwwerk, open erf of terrein redelijkerwijs geen andere wijze van afvoer van het hemelwater en grondwater kan worden gevergd, omdat het tot onredelijke hoge kosten voor de perceeleigenaar leidt. Een ontheffing wordt aangevraagd middels een door het college vastgesteld formulier. 5.. Op de voorbereiding van de gebiedsaanwijzing is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel